Home

Achtergrond 181 x bekeken

Lijfrenteaftrek bij inbreng in BV alleen bij voortzetting activiteiten

Een boer had bij de inbreng van zijn maatschap in de BV een lijfrenteaftrek bedongen. Binnen zes maanden emigreerde hij. De lijfrenteaftrek kan alleen worden bedongen bij voortzetting van het bedrijf. Daarvan was volgens het Hof Den Bosch in dit geval geen sprake.

Een echtpaar dat hun melkveebedrijf in Nederland wil staken en in Canada verder wil boeren richt in het zicht van hun emigratie een BV op. Uiteindelijk verkopen zij het vastgoed van hun Nederlandse bedrijf aan een derde. In Nederland wordt nog wel verder geboerd op een klein areaal. Hierop wordt door de broer van de boer en de loonweker gewassen verbouwd, welke zo’n ƒ 1.000,= per hectare opleveren. Dit lijk slechts een formaliteit, want de opbrengst is verwaarloosbaar. Hoe dan ook, het Hof ziet daarin geen voortzetting van het agrarisch bedrijf.

Daarnaast merkt het Hof het nieuw gekochte Canadese bedrijf niet aan als een voortzetting van het oorspronkelijke bedrijf. Tevens kan de lijfrenteaftrek alleen worden gebruikt bij inbreng van het bedrijf in de BV. In deze zaak was echter al een deel van het bedrijf aan derden verkocht voordat het in de BV werd ingebracht. Dat de BV echter al wel in oprichting was, veranderde hier niets aan. Ook oordeelde het Hof dat de agrariër nooit de intentie heeft gehad om de onderneming voort te zetten in de vorm van een BV, want al voor de oprichting van de BV waren de plannen voor emigratie gemaakt. Het Hof staat het echtpaar niet toe de koopsom voor een lijfrente in mindering te brengen op hun stakingswinst.

De planning van een emigratie komt dus behoorlijk nauw. Er zijn wel mogelijkheden, maar het moet in ieder geval duidelijk zijn dat de BV wordt voortgezet. Dat mag niet louter een formaliteit zijn als in deze zaak.

Meer informatie Volledige uitspraak van het Hof Den Bosch

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.