Boerenleven

Achtergrond 286 x bekeken laatste update:29 sep 2016

Grondleggers: ‘We zijn nog steeds een gezinsbedrijf’

In hun jeugd was het meeste werk nog handwerk. Toen ze zelf boer werden, gingen ze specialiseren, mechaniseren en uitbreiden. Zo ook Wim Koers.

Ten westen van de N50 ligt een grote vlakte gras- en maisland. Een echt ruilverkavelingsgebied is het, 45 jaar geleden in gebruik genomen. Sindsdien is het gebied grondig veranderd. Lapjes grond zijn samengevoegd tot percelen van 90 meter breed en 800 meter lang, het waterpeil is verlaagd. Schraal hooiland veranderde in vruchtbaar grasland.

Wim Koers kwam hier in 1970 met zijn ouders wonen. Daarvoor stond de boerderij in de dorpskern De Zande, 2 kilometer verderop. Het was toen al een puur melkveebedrijf. De stal was een grupstal, maar melken ging al snel niet meer met de hand. In 1955 schafte zijn vader een melkmachine aan, met ketels die onder de koe stonden. Wim was toen twee jaar; de periode van handmelken heeft hij niet bewust meegemaakt.

Ligobxenstallen

De grond lag overal versnipperd. Koeien omweiden was een onderneming. Daar hadden meer boeren mee te maken. In 1968 borrelde daarom een plan op voor een grote ruilverkaveling. Voor familie Koers een uitgelezen kans om vooruit te kunnen. Ze kregen een kavel toegewezen van 40 hectare aan één stuk. Dat was ook het moment om aan een nieuwe stal te denken. Wim herinnert zich dat zijn vader een Hollandse stal wilde. "Dat type had hij eens ergens gezien en hij vond dat mooi. Maar de voorlichter zei tegen mijn vader: er zijn ook andere stallen." Hij doelde op ligboxenstallen, die kwamen toen net op.

Samen met zijn vader ging de toen zeventienjarige Wim kijken bij boeren met zo'n andere stal. "We zijn naar Meppel geweest en naar Enschede. Ik vond het meteen heel mooi, die losloopstallen. Mijn vader had iets meer tijd nodig. In het begin waren de koeien in ligboxenstallen niet zo schoon. Een ander nadeel was dat de hoorns eraf moesten."

De boerderij in De Zande met uiteindelijk 39 melkkoeien. In 1970 kwam er een grote ruilverkaveling en verhuisde het bedrijf.<br /><em>Foto's: Jan Willem Schouten</em>
De boerderij in De Zande met uiteindelijk 39 melkkoeien. In 1970 kwam er een grote ruilverkaveling en verhuisde het bedrijf.
Foto's: Jan Willem Schouten

Nieuwe traditie: onthoornen

Voor Wim begon daarmee juist een nieuwe ­traditie. Het was gebruikelijk om pinken niet te onthoornen bij de start van het weideseizoen. Pas in de herfst, bij het naar binnen halen, gebeurde dat. Een ploegje boeren ging dan met de dierenarts van bedrijf naar bedrijf om bij elkaar de klus te doen. "Om beurten zaagden we de hoorns eraf. Na afloop was er voor iedereen een borrel en een gehaktbal." Zo'n vijf jaar duurde de traditie, daarna was het zagen niet meer nodig. "Onthoornen ging toen met pasta, die je bij de kalveren op de hoornpitten smeerde. Nu is het verboden, maar dat ging toen heel goed. En de kalveren hadden er echt geen last van."

De voorlichter die de tip voor de nieuwe stal had gegeven, speelde ook een belangrijke rol bij de financiering ervan. "Hij moest het 'blauwe boek' ­opstellen voor de bank. Daarin gaf hij de financiële prognose van onze plannen. Met dat blauwe boek ging je naar de bank en die gaf dan haar fiat. De voorlichter had toen de rol die de accountant nu heeft."

Hooi werd ooit vork voor vork in de hooiberg gestoken door meerdere mensen. Later kwam er een hooikanon.<em><br /><br /></em>
Hooi werd ooit vork voor vork in de hooiberg gestoken door meerdere mensen. Later kwam er een hooikanon.

Het was nog wel even schrikken toen in 1969 de btw kwam. De begrote investering viel ineens hoger uit. Gelukkig kon de bouw gewoon doorgaan.

In 1970 was de verhuizing. Voor de knecht hield dat in dat hij ander werk moest zoeken. Wim: "De boeren konden hun werk toen wel alleen. Dat speelde niet alleen bij ons, het speelde overal."

Mechanisatie

De ligboxenstal was niet de enige noviteit bij de familie. Wim glundert nog als hij eraan denkt: "We kregen een trekker. Een MF van 35 pk, geïmporteerd uit Engeland. Daar was ik heel blij mee, want tot die tijd werkte mijn vader nog met het paard. Maar ik ben geen paardenvriend."

Daarna ging het snel. De opraapwagen deed zijn intrede. "Een van de grootste verbeteringen in de landbouw." In het begin haalden ze er het hooi mee op. "We hadden twee hooibergen. Met het hooikanon bliezen we die vol."

Even pauze, met koffie in de wei. Het paard hoefde niet vastgezet, het bleef geduldig staan wachten tot het werk verder kon.
Even pauze, met koffie in de wei. Het paard hoefde niet vastgezet, het bleef geduldig staan wachten tot het werk verder kon.

Het gras inkuilen begon in 1973. Ook al zo'n vooruitgang. "De veldperiode kon terug van vijf naar twee dagen en dan had je nog beter voer ook." Hij kan zich haast niet meer voorstellen dat ze ooit 40 hectare hooiden. "Met dat 35 pk-trekkertje en dan moest het ook nog lang goed hooiweer zijn. Dat had je niet vaak, er zat ook wel eens minder goede kwaliteit tussen."

Melkproductie gestegen

Kuilgras was beter voer en samen met een betere huisvesting en nog wat verbeterde factoren steeg de melkproductie in korte tijd van 4.000 liter per koe per jaar naar 6.000 liter.

Een van die andere factoren was de doorloopmelkstal. De eerste was een 2×4-visgraat, later werd dat uitgebreid naar een 2×7. De 40 liter-melkbussen waren op de nieuwe locatie vervangen door een melkkoeltank. "Dat kwam de kwaliteit van de melk ten goede." Maar niet iedereen nam zo makkelijk ­afscheid van de bus. "Voor sommigen was het een reden om te stoppen met melken. Het was als het ware de laatste druppel. Voor ons juist niet."

Deze foto is al heel oud. Deze koets was voor 'officiële gelegenheden'. Voor een gewone rit was er een kar.
Deze foto is al heel oud. Deze koets was voor 'officiële gelegenheden'. Voor een gewone rit was er een kar.

De laatste ontwikkelingen

Hoe de ontwikkelingen elders in de regio gingen, hoorde Wims vader op de veemarkt. "Elke vrijdag ging hij daar naartoe. Daar hoorde hij wat de prijzen waren; soms beurde hij geld van een verkochte koe, hij onderhield er zijn contacten en hij hoorde er dus het laatste nieuws. Twitter en sms waren er nog niet."

De vernieuwingen volgden elkaar in rap tempo op. In de jaren tachtig deed de mestinjecteur zijn ­intrede. "Veel boeren waren sceptisch. De zode zou kapotgaan, het bodemleven ook. Wij zagen het ­probleem niet zo en maakten er meteen gebruik van. Je kunt zoveel efficiënter bemesten met een injecteur én je kunt vrijwel altijd het land op. Met de giertank was je afhankelijker van het weer."

Aanvullend was er het gebruik van kunstmest en de kunstmeststrooier. "Vroeger reed mijn vader met paard en wagen over het land, de knecht zat achterop en strooide de kunstmest met zijn blote handen rond. Dat ging best secuur. Je moest er slag van hebben en dat had hij."

Grondleggers: ‘We zijn nog steeds een gezinsbedrijf’

'Melkquotering achteraf niet slecht geweest'

En toen werd het 1984, het jaar van de melkquotering. "We zagen het niet aankomen. Van de ruim 5 ton melk die we produceerden, mochten we iets van 4,8 ton houden. Eerst was dat wel zuur, maar achteraf is het niet slecht geweest. De melkprijs steeg naar 40 eurocent per liter, terwijl krachtvoer in prijs gelijk bleef. Dat is nu eerder andersom."

In 2005 kwam Wims zoon in het bedrijf. Een opvolger hebben, dat was de kroon op zijn werk. "Daar doe je het allemaal voor." Dat er een nieuwe stal ­gebouwd wordt én dat vier melkrobots worden geïnstalleerd, juicht hij toe. "Nu kost het melken zeven uur per dag. Het meeste daarvan doe ik. Ik melk graag, maar ik begrijp goed dat als mijn zoon en schoondochter het bedrijf overnemen, zij flexibeler willen zijn met hun tijd."

Al met al is er veel veranderd sinds de grupstal aan De Zande. Maar wat hetzelfde bleef, is de aard van het bedrijf: het is nog steeds een gezinsbedrijf. En voor Wim is het glashelder dat de rol van de Schepper ook onveranderd is gebleven. "Zijn zegen blijft altijd nodig."

Op de nieuwe locatie kon het bedrijf vooruit. Er is uitgebreid. De grond ligt aan één blok en er is veel gemechaniseerd.
Op de nieuwe locatie kon het bedrijf vooruit. Er is uitgebreid. De grond ligt aan één blok en er is veel gemechaniseerd.

Meedoen aan deze rubriek? Of iemand opgeven? Mail naar margreet.welink@reedbusiness.nl of schrijf naar postbus 4, 7000 BA, Doetinchem.

Of registreer je om te kunnen reageren.