Akkerbouw

Nieuws 2941 x bekeken

Van Dam bereidt verbod neonicotinoïde voor

De insectenbestrijder imidacloprid wordt in de glastuinbouw verboden, als er geen verbetering optreedt in de kwaliteit van oppervlaktewater. Dat stelt staatssecretaris Martijn van Dam in een brief aan de Tweede Kamer.

Imidacloprid behoort tot de groep neonicotinoïden, die al enkele jaren onder vuur liggen vanwege de schadelijkheid voor bijen en het waterleven. Er lijkt ook een schadelijke invloed te zijn op (water-)vogels.

Van Dam neemt nog tot maart de tijd, om te zien of in de tussentijd geen verbetering van de situatie is. Aanleiding voor de ingreep van Van Dam zijn de normoverschrijdingen in het oppervlaktewater in kassengebieden. Ondanks de ingevoerde verplichting om afvalwater te zuiveren (in 2014) is er geen verbetering opgetreden. Ook de voorwaarde dat imidacloprid alleen gebruikt mag worden door bedrijven die beschikken over een zuivering, heeft geen meetbare verbetering opgeleverd.

Toelating voor imidacloprid aanpassen

Van Dam heeft het liefst dat het College voor de toelating van Gewasbeschermingsmiddelen en Biociden (CTGB) bij een herbeoordeling, de toelating voor imidacloprid aanpast. "Maar als het CTGB het niet doet, doe ik het zelf", aldus de staatssecretaris in een toelichting.

Van Dam benadrukt dat de land- en tuinbouw in balans moet zijn met de natuur. "Hier is de schade die aan de natuur wordt toegebracht te groot."

Verbod beperkt zich tot glastuinbouw

Het voorgenomen verbod beperkt zich vooralsnog tot de toepassing in de glastuinbouw. Uit de cijfers blijkt dat in gebieden met teelt van bloembollen en boomteelt, minder overschrijdingen van de norm zijn en dat daar ook sprake is van een dalende trend.

Ondertussen is de teelt van aardappelen als een voor bijen aantrekkelijk gewas geclassificeerd, wat inhoudt dat neonicotinoïden niet langer in aardappelen gebruikt mogen worden. Spuittoepassingen van neonicotinoïden zijn sinds 2013 verboden in granen en gewassen die aantrekkelijk zijn voor bijen.

Of registreer je om te kunnen reageren.