Akkerbouw

Nieuws 262 x bekeken

Graanoogst Zuiden vrijwel gereed

Apeldoorn/Wemeldinge - De graanoogst in het Zuiden van Nederland is bijna klaar. In het Noorden is bijna de helft van het graan geoogst.

Over het algemeen is de kwaliteit redelijk goed, maar het graan is met hogere vochtgehaltes geoogst. De kilo-opbrengsten zijn lager dan gemiddeld door het droge voorjaar.

Aart den Bakker, manager Plantaardige Afzet bij Agrifirm Plant, schat dat in heel Nederland 80 procent van de gerst en 60 procent van de tarwe is geoogst. “In het Zuiden zijn we bijna klaar. In het Noorden is 40 procent van de tarwe geoogst. Met de gerst zijn we iets verder.”

Bij de start van de oogst was de kwaliteit zeer goed, zegt Den Bakker. “Aanvankelijk lag het hectolitergewicht tussen 78 en 80 kilo. Nu ligt het tussen de 70 en 75 kilo. Bij de gerst zien we hier en daar een schimmelaantasting. Bij brouwgerst zijn de volgerstpercentages en de eiwitgehaltes goed.”

Het is nog te vroeg om iets te zeggen over de DON-getallen of de opbrengst in kilo’s. Den Bakker: “De telers oogsten wel minder tonnen per hectare dan vorig jaar. Maar het valt mee ten opzichte van de verwachting die we hadden toen het zo droog was. Al met al is het een lastige graanoogst voor de telers. Voor ons betekent het dat we veel graan moeten drogen vanwege de hoge vochtgehaltes.”

Bij CZAV is bijna 90 procent van het graan geoogst, zegt Rien Fieman, hoofd Granen bij de coöperatie. “Het is de derde oogst in vier jaar met hoge vochtgehaltes. Dat geeft extra droogkosten. Op Walcheren en Schouwen Duiveland loopt de oogst wat achter. Daar is veel zomergraan gezaaid vanwege de nattigheid afgelopen herfst.”

Het eerst geoogste graan was goed van kwaliteit en vochtgehalte, zegt Fieman. “Nu ligt het vochtgehalte tussen 16 en 17 procent. Het hectolitergewicht begon boven de 80 kilo. Nu zit het tussen 77 en 78 kilo. Dat valt niet tegen. Het eiwitgehalte zit gemiddeld rond 12,5 procent. Dat is een half procent meer dan vorig jaar.”

Fieman schat dat de wintertarwe 12 procent minder opbrengst per hectare gaf dan vorig jaar. “Er zit veel variatie in, van 6 tot meer dan 10 ton per hectare. Veel percelen wintertarwe zijn onder slechte omstandigheden gezaaid en kregen daarna de droogte voor de kiezen.”

Bij zomertarwe en zomergerst constateert Fieman dat op een aantal percelen tweewassigheid is ontstaan. “We zien tweewassigheid vooral in de laat gezaaide percelen. Dan vormt het graan nieuwe aren, waarschijnlijk als gevolg van stress. Deze percelen worden doodgespoten om te voorkomen dat onrijpe korrels mee worden geoogst.”



Of registreer je om te kunnen reageren.