Akkerbouw

Nieuws 141 x bekeken

'Rassenontwikkeling zetmeelaardappelen te langzaam'

Valthermond - De zetmeelaardappelteelt heeft behoefte aan nieuwe rassen met voldoende resistenties en een goede opbrengst. Die rassen zijn nog niet echt in aantocht.

Vooral wratziekte is een struikelblok. Dat zegt Klaas Wijnholds, onderzoeker van PPO-proefboerderijen ‘t Kompas in Valthermond en Kooijenburg in Rolde.

Telers verbazen zich over de langzame ontwikkeling van nieuwe zetmeelaardappelrassen, merkte Wijnholds tijdens de winterlezingen die hij onlangs in het gebied hield. “De kruisingen die nu worden geïntroduceerd, dateren van 2001/2002. Dat is lang geleden. Intussen hebben we aanvullende wensen ten aanzien van resistenties en eigenschappen. En zo zit het ideale ras er nog niet tussen. Sommige resistenties zijn onvoldoende.”

Resistentie tegen verschillende fysio’s van wratziekte, gecombineerd met een goede opbrengst, is vooral iets waar in het Veenkoloniale gebied naar wordt uitgekeken. “De wettelijke bepalingen rondom wratziekte zijn streng”, weet Wijnholds. “Dat moet ook om de ziekte onder controle te houden. Er mogen geen wratten zichtbaar worden. Daar kan de teler ook zelf meer op letten en de meest geschikte rassen kiezen.”

Ook voor de langere bewaring is volgens Wijnholds een nieuw ras nodig. Het bestaande ras Aveka is aan vervanging toe. “Aveka scoort slecht op wratziekte fysio 18 en kan daarom eigenlijk niet meer. Bovendien moet de opbrengst een keer omhoog kunnen. Als ik de proeven bekijk, zie ik niet zo snel een vervanger.”

Seresta, Aveka en Festien zijn nog de grootste zetmeelaardappelrassen. “De opbrengstontwikkeling gaat, zeker vergeleken met de ontwikkeling bij suikerbieten, niet snel genoeg. Bij nieuwe rassen zijn bepaalde resistenties onvoldoende. We hebben veel wensen in de aardappelen en die moeten allemaal verenigd worden in één ras.”

Naast de ontwikkeling van rassen was virusbesmetting een veelbesproken thema op de lezingen. Wijnholds kon voorrekenen dat 20 procent minder virus leidt tot 14 procent meer opbrengst bij de zetmeelaardappelen. “Het goed onder olie houden kost wat, maar dat is snel terugverdiend.” Wijnholds merkt dat het gebruik van olie en insecticide tegen virus steeds meer toeneemt.

De serie winterlezingen, waarin Wijnholds vertelde over de resultaten van het onderzoek op de proefboerderijen ‘t Kompas en Kooijenburg, zijn goed bezocht. “Terwijl het aantal akkerbouwers afneemt, waren er zeker niet minder bezoekers dan vorig jaar. Ook uit de discussie blijkt veel betrokkenheid.”

Wijnholds denkt dat dit ook met de gunstige marktontwikkelingen te maken heeft. “Als de prijzen beter zijn, wordt je eerder uitgenodigd om dingen uit te leggen en zijn mensen sneller geneigd om zich te verzamelen en neiuwe ontwikkelingen ind e bedrijfsvoering op te pakken.”

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.