Akkerbouw

Nieuws 290 x bekeken

Aardappel en schorseneer schadegevoelig voor aaltje Trichodorus similis

Vredepeel - Consumptieaardappel en schorseneer zijn schadegevoelig voor het vrijlevende wortelaaltje Trichodorus similis.

Suikerbiet is weinig schadegevoelig en waspeen is niet schadegevoelig. Dit blijkt uit onderzoek van PPO-agv, onderdeel van Wageningen UR, in 2007, 2008 en 2009 op percelen van PPO in Vredepeel. Naast de schadedrempel is ook de waardplantstatus van deze gewassen voor dit aaltje bepaald. Aardappel en suikerbiet zijn goede waardplanten voor T. similis, schorseneer is een matige waardplant en waspeen is een vrij slechte waardplant voor dit aaltje. Het wortelaaltje komt voor op zandgronden en lichte zavelgronden en kan bij een aantal belangrijke gewassen schade veroorzaken.

Bij een hoge besmetting werd bij consumptieaardappelen in de afzonderlijke jaren een maximaal opbrengstverlies berekend van 18, 27 en 12 procent. Gemiddeld over drie jaar bedroeg het maximale opbrengstverlies bij aardappelen 19 procent. De schadedrempel ligt laag, want gemiddeld ontstaat er bij consumptieaardappelen al opbrengstverlies als de besmetting hoger was dan vijf aaltjes per 100 milliliter grond. Gemiddeld over de jaren was de hoogste besmetting na de teelt van consumptieaardappelen bijna driehonderd T. similisaaltjes per 100 milliliter grond.

Bij suikerbiet veroorzaakt T. similis bij een hoge besmetting in mei en begin juni vaak wat groeiachterstand en er kunnen bij de oogst ook wat meer vertakte bieten zijn. In de drie jaren was het maximale opbrengstverlies (suikerproductie) bij een hoge besmetting van dit aaltje 5, 11 en 8 procent en gemiddeld 8 procent. De schadedrempel ligt op een heel laag niveau, want het opbrengstverlies ontstaat vanaf het eerste aaltje per 100 milliliter grond. Zelfs driehonderd aaltjes zijn gemeten.

Bij waspeen leidde een hoge besmetting met T. similis niet tot een lagere leverbare productie. De hoogst gemeten besmetting was zeventig aaltjes per 100 milliliter grond. Bij een hoge besmetting van T. similis ontstond bij schorseneer in mei en juni duidelijk groeiachterstand. Het maximale opbrengstverlies was in de verschillende jaren 21, 11 en 2 procent. Gemiddeld over de drie jaar was het opbrengstverlies bij een hoge beginbesmetting 11 procent. De schadedrempel lag bij schorseneren op een heel laag niveau want er ontstond opbrengstverlies vanaf het eerste aaltje per 100 milliliter grond. Er is bijna honderddertig aaltjes per 100 millilieter gemeten.

Zowel chemische als biologische grondontsmetting kunnen zeer effectief zijn tegen T. similis.

Of registreer je om te kunnen reageren.