Akkerbouw

Foto & video 3214 x bekeken laatste update:18 jul 2016

Luchtbeelden versus harde meetgegevens

De groei en ontwikkeling van de Innovator-fritesaardappelen op het smartfarming demoveld voor de ATH-beurs in Biddinghuizen (Flevoland) wordt bijna wekelijks in kaart gebracht. Deze harde gegevens worden vergeleken met de beelden die met verschillende sensingtechnieken zijn gemaakt.

Dit groeiseizoen komt Delphy ook met de 'Digitale Bodemspiegel' waarbij akkerbouwgewassen met luchtfotografie in beeld worden gebracht. Neem een kijkje in het dossier boerderij.nl/luchtfotografie.

Foto

  • Projectleider Herman Krebbers van Delphy volgt samen met stagiaires van Aeres Hogeschool in Dronten de ontwikkeling van de aardappelen op de ATH-demovelden. De fritesaardappelen zijn op verschillende afstanden gepoot. Daaroverheen zijn stikstofbemestingstrappen gelegd.<br /><em>Foto's: Ruud Ploeg Fotografie</em>

    Projectleider Herman Krebbers van Delphy volgt samen met stagiaires van Aeres Hogeschool in Dronten de ontwikkeling van de aardappelen op de ATH-demovelden. De fritesaardappelen zijn op verschillende afstanden gepoot. Daaroverheen zijn stikstofbemestingstrappen gelegd.
    Foto's: Ruud Ploeg Fotografie

  • Het meetlint wordt uitgelegd om het aantal stengels per strekkende meter te tellen.

    Het meetlint wordt uitgelegd om het aantal stengels per strekkende meter te tellen.

  • Deze knol heeft vier stengels gevormd.

    Deze knol heeft vier stengels gevormd.

    Foto: Ruud Ploeg Fotografie
  • Een dwarsdoorsnede van de aardappelrug. Zo is de beworteling goed te beoordelen. De wortels groeien al in de onbewerkte ondergrond.

    Een dwarsdoorsnede van de aardappelrug. Zo is de beworteling goed te beoordelen. De wortels groeien al in de onbewerkte ondergrond.

    Foto: Ruud Ploeg Fotografie
  • De opbouw van het bodemprofiel wordt ook in het onderzoek meegenomen. De dikte van de kleilaag blijkt niet overal in het perceel gelijk.

    De opbouw van het bodemprofiel wordt ook in het onderzoek meegenomen. De dikte van de kleilaag blijkt niet overal in het perceel gelijk.

  • Op ieder deel van het demoveld wordt een bodemvochtsensor geplaatst om de vochttoestand te kunnen volgen.

    Op ieder deel van het demoveld wordt een bodemvochtsensor geplaatst om de vochttoestand te kunnen volgen.

  • Met deze sensoren wordt op verschillende dieptes de hoeveelheid vocht in de bodem bepaald.

    Met deze sensoren wordt op verschillende dieptes de hoeveelheid vocht in de bodem bepaald.

  • Om de ontwikkeling van het knolaantal en de kwaliteit hiervan te bepalen, wordt op meerdere momenten een proefrooiing gedaan. Hier een pol uit het veld dat op 25 cm is gepoot en is bemest met 900 kilo KAS.

    Om de ontwikkeling van het knolaantal en de kwaliteit hiervan te bepalen, wordt op meerdere momenten een proefrooiing gedaan. Hier een pol uit het veld dat op 25 cm is gepoot en is bemest met 900 kilo KAS.

  • Wegen van het loof van een aardappelplant. Van het loof wordt ook de hoeveelheid droge stof bepaald.

    Wegen van het loof van een aardappelplant. Van het loof wordt ook de hoeveelheid droge stof bepaald.

  • Biomassabeeld gemaakt vanuit een vliegtuig met een spectraalcamera door Vigilance. Het perceelgedeelte rechts zijn de aardappelpercelen. In deze op 6 juni gemaakte foto is goed te zien dat het deel met de kleinste pootafstand (linksboven) het snelst biomassa vormt.<br /><em>Foto: Vigilance</em>

    Biomassabeeld gemaakt vanuit een vliegtuig met een spectraalcamera door Vigilance. Het perceelgedeelte rechts zijn de aardappelpercelen. In deze op 6 juni gemaakte foto is goed te zien dat het deel met de kleinste pootafstand (linksboven) het snelst biomassa vormt.
    Foto: Vigilance

  • Airinov maakt met de Agridrone-beelden vanaf zo’n 50 meter hoogte.

    Airinov maakt met de Agridrone-beelden vanaf zo’n 50 meter hoogte.

  • Een beeld van wat de camera onder de drone ziet.

    Een beeld van wat de camera onder de drone ziet.

  • Meting met de OpriX-sensor aan een trekker. Deze meet een vrij smalle strook aan weerszijden van het spuitpad.

    Meting met de OpriX-sensor aan een trekker. Deze meet een vrij smalle strook aan weerszijden van het spuitpad.

  • Handmeting met de Rapid scan, een soort hand OptriX. Hiermee kan ook de biomassa en stikstofinhoud van het gewas worden gemeten.

    Handmeting met de Rapid scan, een soort hand OptriX. Hiermee kan ook de biomassa en stikstofinhoud van het gewas worden gemeten.

  • Een andere handmeter is de Yara N-tester. Deze meet het chlorofyl in het blad, een maat voor de stikstofopname.

    Een andere handmeter is de Yara N-tester. Deze meet het chlorofyl in het blad, een maat voor de stikstofopname.

Of registreer je om te kunnen reageren.