Akkerbouw

Foto & video 992 x bekeken

Demo dierlijke mest voor aardappelen

Het optimaal inzetten van mineralen wordt steeds belangrijker. Een kort uitrijdseizoen en verlaagde gebruiksnormen dwingen akkerbouwers de mestgift naar het voorjaar te verschuiven.

Foto

  • CZAV organiseerde op proefbedrijf Rusthoeve in Colijnsplaat (Zld.) een demodag met als thema voorjaarstoepassing van drijfmest op kleigrond in aardappelen. Vanwege een steeds verdere beperking van de uitrijdmogelijkheden van dierlijke mest in het najaar verschuift de toediening ook op klei naar het voorjaar. De demodag is een onderdeel van een door CZAV aangemeld project bij Programma Precisie Landbouw (PPL).



    Foto’s: Peter Roek; tekst: Luuk Meijering




  • Voorafgaand aan de demo gaf CZAV-bemestingsspecialist Ton Hendrickx uitleg over de achtergrond van de demo en het rendement van het gebruik van dierlijke mest voor aardappelen. Een voorjaarsgift van 30 kuub varkensdrijfmest aan consumptieaardappelen bespaart €288 per hectare aan kunstmest.

  • DLV Plant-specialist Herman Krebbers geeft de technische uitleg bij de demonstraties van de vier machines.


  • Mesthandel Bogerman in Den Bommel demonstreerde een schijvenegbemester met slangaanvoer. Deze machine dient de mest voor het poten volvelds toe, met een capaciteit van maximaal 100 m3 per uur. Brede banden gecombineerd met een lage bandenspanning minimaliseren de insporing.


  • De mest loopt ter hoogte van de voorste rij schijven uit de slangen en wordt daar meteen met de grond vermengd.


  • De tweede rij schijven maakt het werk af. De brede steunwielen zorgen voor een rustige loop en egale werkdiepte. De machine heeft de beperking dat deze alleen voor het poten ingezet kan worden. Wanneer de grond bekwaam is, moet de teler de keus maken om direct te poten of eerst te bemesten en het poten een paar dagen uitstellen.

  • Een alternatief voor de sleepslang is het slanghaspelsysteem van Veenhuis. Dit systeem is mogelijk geschikt te maken voor bemesting na het poten. De Veenhuis sleept de slang niet over het veld, maar legt deze tussen de ruggen en rolt deze op de terugweg weer op. Voor deze toepassing is echter nog geen geschikte bemester voorhanden. Bovendien stond de getoonde combinatie nog op brede banden.


  • Maatschap De Schipper uit Wemeldinge liet een eigenbouw sleufkouterbemester zien. De bemester hangt in de fronthef en krijgt de mest aangevoerd uit de tank achter de trekker. De combinatie staat op een spoorbreedte van 2,25 meter en heeft een werkbreedte van 6 meter.

  • De sleufkouters brengen de mest in de zijkant van de rug, sleepvoetjes bepalen de werkdiepte.

  • Bij een juiste afstemming van de kouters op de breedte van de rug wordt de mest goed ondergewerkt. Een andere rugvorm of afwijkende aansluitrijen hebben een duidelijk negatief effect op het resultaat.



  • Loonwerker André Capelle uit Nagele demonstreerde een ruggenbemester met verkruimelsterren. De werkbreedte van deze machine is 6 of 9 meter, afhankelijk van mestgift en lengte van het perceel. Dubbellucht op rijafstand op zowel de trekker als tank beperkt de bodemdruk.


  • Spreidplaatjes verdelen de mest over de rug, de verkruimelsterren werken de mest vervolgens door de grond.

  • De door CZAV uitgenodigde AID’ers beoordelen het werk van de gedemonstreerde machines. Het blijkt dat met de huidige regelgeving lastig te bepalen is wanneer het werk wel en wanneer het niet aan de wettelijke eisen voldoet. Reden genoeg voor de sector om samen met beleidsmakers te zoeken naar praktische aanwendingstechnieken en heldere regelgeving.

Of registreer je om te kunnen reageren.