Akkerbouw

Foto & video 1239 x bekeken

Hightech akkerbouw in Swifterbant

Gps, plaatsspecifiek bemesten en sensoren op de spuit. Wim Kutschruiter en Pieter Hoving kunnen met recht hightech akkerbouwer genoemd worden.

Foto

  • Wim Kutschruiter heeft samen met zijn buurman Pieter Hoving een akkerbouwbedrijf van 68 ha in Swifterbant (Fl.). De akkerbouwers telen 1 op 3 aardappelen (12 ha pootgoed en 12 ha consumptie), 12 ha suikerbieten, 25 ha wintertarwe en 7 ha plant- en zaaisjalotten.




    Foto's: Ton Kastermans Fotografie, tekst: Karin Oonk-Nooren

  • In 2006 voegden Kutschruiter en Hoving de bedrijven samen. De ligging van de kavels is op deze plattegrond goed zichtbaar. Het bedrijf van Kutschruiter is gelegen in het lichtgroene gedeelte links en het bedrijf van Hoving licht op de meest rechtse kavel. De smalle strook onderaan kan de akkerbouwer bijpachten. Deze strook was oorspronkelijk bedoeld voor de aanleg van de Hanzelijn.

  • Hoving en Kutschruiter noemen hun bedrijf AP Agro. AP staat voor Auto Pilot, het gps-systeem van Trimble dat de akkerbouwers gebruiken. Ze hebben zelfs een logo voor hun bedrijf ontworpen (link naar logo). Kutschruiter verricht ook wat loonwerk voor collega’s in de omgeving. Het gaat met name om het zaaien van uien en bieten, natuurlijk gebeurt dit met behulp van gps, en oogstwerkzaamheden voor de uienoogst.

  • Lidy, de vrouw van Wim Kutschruiter, doet alle administratie. Daarvoor maakt zij gebruik van diverse modules van Agrovision. GEO Crop, Isobus en Gewis zijn de belangrijkste. Van de Prophymodule maken de telers geen gebruik. Vanwege de virusdruk in pootgoed spuit de akkerbouwer toch al om vijf dagen met olie. Dit wordt standaard gecombineerd met de phytophthorabestrijding. Gedurende het seizoen krijgt hij nog advies via Profyto. Wel maakte de teler gebruik van Gewis om het optimale spuitmoment van het middel te bepalen.

  • De mechanisatie van het akkerbouwbedrijf is goed in orde. Twee trekkers zijn uitgerust met RTK-gps. Kutschruiter wil deze techniek niet alleen gebruiken om recht te rijden, maar kijkt verder, naar de plaatsspecifieke landbouw. Daarnaast kan hij met behulp van gps gebruikmaken van sensoren op de spuit. Zo kan hij de stikstofgift aanpassen aan de behoefte van het gewas.

  • Hier een bijzondere bodemkaart, die is samengesteld door The Soil Company. In het najaar reed een medewerker van dit bedrijf met een quad over de percelen van de telers. Hij mat verschillende waarden, zoals het organischestofgehalte en het PW-getal. Alle gegevens werden omgezet naar kaarten. Deze kaart gaat Kutschruiter gebruiken om tijdens het frezen een variabele fosfaatgift te geven (link naar artikel Boerderij). Maar de kaartjes kunnen ook gebruikt worden om bijvoorbeeld de pootafstand zo te variëren dat overal evenveel knollen per vierkante meter groeien. Bij een lager vochtgehalte van de grond poot de akkerbouwer dichter bij elkaar, omdat de planten dan minder knollen geven (link naar alle kaartjes).

  • In de toekomst wil de akkerbouwer nog veel meer gaan doen met deze technieken. Helaas staat nu het gebrek van goede software nog in de weg. De gegevens van de sensoren van de spuit kan Kutschruiter helaas nog niet zelf inlezen in de module GEO Crop van Agrovision. Ook lukt het nog niet om vanuit dit systeem gegevens te koppelen aan die van Dienst Regelingen. Wel zit Kutschruiter in een pilotproject om de nieuwste software te testen die dit mogelijk maakt. Ondanks dit alles is de insteek van de akkerbouwer duidelijk: plaatsspecifieke landbouw heeft de toekomst.

  • Op dit scherm kan de akkerbouwer precies invullen hoeveel hij moet strooien op welke werkbreedte.

  • Op de kunstmeststrooier zit een weeginstallatie. De computer rekent uit hoeveel meter met deze hoeveelheid nog gestrooid kan worden. Zo weet de akkerbouwer op ieder moment of hij nog genoeg in de bak heeft. Met deze grote machines lukt het niet meer om in de bak te kijken.

  • De akkerbouwer heeft een 42 meter brede spuit van het merk CHD. Hij koos voor deze breedte omdat hij zijn perceel van 300 meter breed precies in zeven werkgangen kan spuiten. De spuit is uitgerust met sensoren. Daarmee kan Kutschruiter de gegevens over het groeiverloop van het gewas verzamelen. Het lukt helaas nog niet om deze gegevens in te lezen in GEO Crop. De sensoren zitten op de spuitbomen. Het lukt daarom sowieso niet om realtime bij te bemesten. Daarvoor is de rekentijd, de tijd om de gegevens om te zetten in een dosering, van de computer te kort. Wel kan de teler tijdens een phytophthorabestrijding de groei meten en in een later stadium de meststof toedienen. Dit kan overigens enkel door secties aan of uit te zetten door middel van section-control. Het is niet mogelijk om bijvoorbeeld op de ene plek slechts 50 procent van de dosering te geven. Preciezer doseren kan wel, maar dan wordt de spuit veel te duur.

  • De vloeibare fosfaatkunstmest wordt geleverd in deze plastic containers. Met een nieuwe machine brengt Kutschruiter de meststof via kouters bij de aardappelen. Dit jaar willen Kutschruiter en compagnon Hoving dit voor het eerst plaatsspecifiek doen. Ze gebruiken hiervoor de fosfaatkaart van de Soil Company. De machine heeft twee secties. Zo hoeft hij de spuitpaden niet te bemesten.

  • Hier de partij Innovator. De aardappelen zijn niet zo grof, want ze stierven vrij vroeg af, mogelijk door de voorvrucht van bieten. Het blad leek wel te verbranden door de felle zon in juni en juli. De akkerbouwer experimenteerde met een natuurlijk middel uit de Amerikaanse fruitteelt om zonnebrand tegen te gaan. Het leek te helpen, de sortering was beduidend grover. Dit jaar wordt het middel opnieuw getest. De aardappelen zijn via een contract bij HZPC afgezet.

  • Compagnon Pieter Hoving is verantwoordelijk voor de pootgoedproductie. Hij selecteert in de zomermaanden en sorteert samen met Kutschruiter in de wintermaanden. Dit zijn stammen die met de hand zijn gerooid. Hoving zette deze vast in kiembakjes om voor te kiemen.

  • Dit zijn kleine knollen van het ras Mustang, en roodschillig chipsras. Vandaar de ronde vorm van deze aardappelen.

  • De akkerbouwers slaan het pootgoed op in Hovings bewaarloods. De aardappelen worden afgezet via twee handelshuizen: HZPC en Agrico. Eén handelshuis vinden de akkerbouwers een te smalle basis. Een deel van het pootgoed gebruiken ze zelf voor de consumptieteelt. Meestal de grovere maten, die ze veelal snijden.

  • Dit perceel is een paar weken geleden gespit met een Challenger-rupstrekker. Tegelijkertijd is 10 ton vaste kippenmest ingewerkt. Hoewel de structuur mooi is, is het voorlopig nog te nat om het land op te gaan. Niet erg, want voorlopig zijn de temperaturen nog veel te laag om te poten. De planning is om begin april met poten te beginnen.

  • De tarwe van het ras Tartaros staat er goed op. Liever had Kutschruiter Delmare geteeld, maar daar was bij lange na niet genoeg zaaizaad van.

  • De tarwe zet Kutschruiter deels af via een pool van Profyto. De rest slaat hij op in kuubskisten. Hij droogde de tarwe zelf. Om het gewas te beschermen tegen ongedierte hangt er een net over de kisten.

  • Een zeer bijzondere teelt is die van zaaisjalotten. Dit ras noemen ze ook wel bananensjalotten. De sjalotten staan ongeveer 2 centimeter onder de grond. De rest staat dus bovengronds. Bijzonder is dat niet alle sjalotten even lang worden. Dat is extra lastig bij het klappen. De afnemer van het product is Gourmet. Naast de zaaisjalotten telen de akkerbouwers ook nog een paar hectare plantsjalotten. De teelt van de sjalotten past goed op het bedrijf, omdat de akkerbouwers de machines dan ook voor loonwerk in de zaaiuienteelt kunnen gebruiken.

Karin Oonk-Nooren

Of registreer je om te kunnen reageren.