Akkerbouw

Foto & video 485 x bekeken

Praktijkdag suikerbieten en energie

Op 17 september organiseerden PPO Vredepeel, IRS en DLV Plant in Vredepeel (L.) de Praktijkdag Suikerbieten en Energieboerderij.

Foto

  • Bietentelers krijgen van IRS-directeur Frans Tijink uitleg bij de resultaten van de kopdemonstratie. Met een praktijkmachine waren met vier verschillende instellingen bieten geoogst. Bij de optimale afstelling van de kopdiepte ging er €13 per hectare aan biet verloren door te diep koppen. Bij iets dieper koppen, zoals in de praktijk nog vaak gebeurt, liep het bietverlies op tot €173 per hectare.


    Tekst: Luuk Meijering, foto's: Henk Riswick

  • De hoop met optimaal gekopte bieten oogt niet mooi. Met 14,9 procent bieten met te veel blad voldoet deze partij nog net aan de norm van de suikerindustrie. De grote hoeveelheid blad is het gevolg van een onregelmatige stand van de bieten, waardoor het niet lukt perfect kopwerk te leveren.



  • Bij de bladschimmelproef geeft Gerard Meuffels van PPO Vredepeel uitleg bij de proefopzet. Hierin liggen onder andere bestrijdingsstrategieën van Bayer en Syngenta en bespuitingen volgens adviessystemen. De schimmeldruk was dit seizoen niet erg hoog, zodat tot nu toe kon worden volstaan met één bespuiting. Alleen de onbehandelde veldjes vallen op door een bruine waas als gevolg van roest.



  • De op 14 augustus gezaaide bieten maken onderdeel uit van een proef om te bepalen tot wanneer suikerbieten als tussenteelt gezaaid kunnen worden. Deze bieten zijn bedoeld om vergistingsinstallaties het jaarrond van bieten te voorzien. Bij eenzelfde proef in 2008 was de opbrengst van de eerste zaai (half juni) met 43 ton bieten en 27 ton loof het hoogst. Vanwege vorst zijn de bieten toen in januari geoogst. Zonder vorst kunnen de bieten tot eind maart blijven staan, dan gaan ze doorschieten.



  • Om 15 ton suiker van een hectare te oogsten is een goede vochtvoorziening essentieel. DLV Plant-adviseur Henry van den Akker legt aan de hand van het bodemprofiel uit waar de knelpunten liggen. Bij voldoende verhoging van de grondwaterstand komt op deze grond via capillaire opstijging 2 millimeter water per dag extra ter beschikking van het gewas. Volgens Van den Akker is de kritische afstand tussen wortels en grondwater 33 à 34 centimeter. Is de afstand ook maar iets groter, dan loopt de nalevering van vocht heel sterk terug.


  • Het project Nutriënten Waterproof vergelijkt en ontwikkelt bedrijfssystemen op zuidoostelijke zandgrond, gericht op minimaal verlies van nutriënten naar grond- en oppervlaktewater. De systeemvariant ‘laag’, waar geen organische mest gebruikt wordt, reduceerde het nitraatgehalte van het grondwater met 20 mg per liter, van 120 naar 100 mg. Het gehalte voldoet daarmee nog niet aan de EU-norm van 50 mg nitraat per liter. De bieten in de variant met alleen kunstmest ontwikkelden zich minder dan in de variant met organische mest. Vorig seizoen resulteerde dat in een zes procent lagere opbrengst.


  • In het project Energieboerderij kijkt PPO ook naar de energiewaarden van mais. Biogasmais is specifiek geteeld voor de productie van biogas door covergisting. Uit PPO-onderzoek bleek dat energieproductie per ras sterk verschilt. Uit eenzelfde hoeveelheid verse massa blijkt bijvoorbeeld het ras Sarabande 50 procent meer energie te leveren dan het ras Busti CS.


  • PPO-onderzoeker Hans Hoek geeft uitleg bij het onderzoek naar de vrijlevende aaltjessoort Trichodorus similis. Dit is één van de meest voorkomende aaltjes in het zuidoostelijk zandgebied, terwijl er het minst over bekend is. Het onderzoek richt zich op de schade die dit aaltje in verschillende gewassen veroorzaakt en hoe sterk het zich op deze gewassen vermeerdert. De schade in bieten valt mee, maar T. similis kan zich er wel sterk op vermeerderen. In mais kan het aaltje tot 25 procent opbrengst kosten.


  • De bandenspanning van de kipper blijkt een grote invloed te hebben op de rolweerstand. Tijdens de praktijkdag is dat gedemonstreerd door twee identieke combinaties een afstand van 200 meter in bewerkt land af te laten leggen en het verschil in benodigde tijd te bepalen. De kipper met 3,5 bar in de banden deed er bijna 20 procent langer over dan de combinatie met de kipper op 1,6 bar. Naast tijdwinst spaart een lagere bandenspanning de bodem en bespaart brandstof.



  • Er was veel belangstelling voor het rooiwerk van de Vervaet Beet Eater 925 van rooicombinatie Ploegmakers, Nooijen & van Bommel. Deze negenrijige machine is ook gebruikt voor de kopdemonstratie. De zes wielen van deze machine lopen dankzij een uitschuifbare vooras ieder in een eigen spoor. Het gewicht wordt zo over de hele rooibreedte afgesteund.

Of registreer je om te kunnen reageren.