Expertblog

1058 x bekeken

'Toetsing middelen door Ctgb blijft nodig'

Nederland krijgt veel aanvragen voor toelating van ‘groene’, low-risk gewasbeschermingsmiddelen. Deze middelen zijn niet per definitie veilig voor mens, dier en milieu en moeten daarom ook zorgvuldig worden beoordeeld, vindt Luuk van Duijn, secretaris/directeur van het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden.

Met enige regelmaat zijn er vragen over de tijd die het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) nodig heeft voor het toelaten van duurzame middelen en laag-risico gewasbeschermingsmiddelen. Belangrijk daarbij is dat ook bij deze toelatingen EU-afspraken een rol spelen en ook hier geldt dat de EU nog volop in beweging is.

Geharmoniseerd toelatingsbeleid

De Nederlandse land- en tuinbouw heeft als geen ander belang bij een geharmoniseerd toelatingsbeleid voor gewasbeschermingsmiddelen, zowel gangbaar als groen. Voor deze bedrijfstak met een kwalitatief goede positie draagt een geharmoniseerde en Europese aanpak bij aan een veilige en eerlijke markt met goede concurrentieverhoudingen. Vanuit deze achtergrond zet ons land actief in op harmonisatie binnen de EU, zowel voor ‘gangbare’ als voor ‘groene’ middelen. Met 28 onafhankelijke lidstaten zijn daarin al belangrijke stappen gezet. De Europese toelatingspraktijk is echter niet te vergelijken met die in grote eenheidsstaten als de VS of Canada.

'De Europese koepel van producenten van gewasbeschermingsmiddelen waardeert Nederland om de mate van transparantie en open communicatie'.

Positie Ctgb

Kijken we naar de positie van het Ctgb in de Europese toelatingspraktijk, dan zien we dat ons land een meer dan 
representatief deel van de aanvragen voor ‘groene’ stoffen binnenkrijgt. ECPA, de Europese koepel van producenten van gewasbeschermingsmiddelen, waardeert Nederland om de mate van transparantie en open communicatie. Men is positief over de hoge mate van autonomie van het Ctgb en de kwaliteit van de beoordelingen, al vindt men ons land soms wat ‘streng’. Het Ctgb bewaakt deze gewaardeerde, onafhankelijke positie tussen producenten, telers en consumenten.

Europese toelating stoffen

Waar het gaat om de verduurzaming, moeten we verschillende groepen middelen en toepassingen onderscheiden, die elk naar hun werkzaamheid en eventuele risico’s beoordeeld moeten worden. Zo onderscheiden we de basisstoffen die al op de markt zijn vanuit andere kaders (bijv. Food, bier tegen slakken). Deze stoffen kunnen gebruikt worden door de sector nadat ze geregistreerd zijn voor de betreffende plaag en teelt. Het Ctgb checkt, conform EU-aanpak, op werkzaamheid en risico’s. Nederland kent, als uitzondering op de Europese verordening, daarnaast nog een eigen lijst van stoffen met een laag risico en een beperkte beoordeling, de zogenoemde ‘RUB-lijst’. Deze wordt langzamerhand overgenomen door EU-regulering van basisstoffen en low-riskstoffen en -middelen. Voor de low riskstoffen is het advies klaar, nu moeten de criteria nog door het EU-wetgevingsproces. De komende tijd worden middelen op basis van deze low-riskstoffen door het Ctgb toegelaten.

Binnen Nederland wordt met een Green Deal groene gewasbescherming sectorbreed gewerkt aan vergroening van teelt en gewasbescherming.</p>
<p><em>Foto: Theo Tangelder</em>
Binnen Nederland wordt met een Green Deal groene gewasbescherming sectorbreed gewerkt aan vergroening van teelt en gewasbescherming.

Foto: Theo Tangelder

Laag-risico gewasbeschermingsmiddelen

Op initiatief van Nederland was er in dit kader begin april een workshop over de harmonisatie van werkzaamheidseisen aan laag-risico gewasbeschermingsmiddelen. Voor ze worden toegelaten, wordt de werkzaamheid van deze middelen vaak op dezelfde manier beoordeeld als die van chemische middelen. Om toelating van low-riskmiddelen te bespoedigen, wordt gekeken of voor deze middelen maatwerk mogelijk is. Zo zou bij laag-risicomiddelen naast de normale veldproeven ook gebruikgemaakt kunnen worden van een andersoortige onderbouwing van de werkzaamheid, bijvoorbeeld met wetenschappelijke literatuur en historische gegevens. Ook hier geldt dat vooral met het oog op harmonisatie meer afstemming nodig is.

Veilige kaders

Binnen Nederland wordt met een Green Deal groene gewasbescherming sectorbreed gewerkt aan vergroening van teelt en gewasbescherming. Telers (verenigd in bijvoorbeeld LTO), overheid (onder meer Ctgb) en bedrijfsleven werken constructief samen aan concrete proeven om vergroening vooruit te helpen en hebben daarbij ook onze internationale positie in het oog.

Deze ontwikkelingen overziend, kun je niet anders constateren dan dat zowel Nederland als de EU, binnen de afgesproken kaders, gericht op weg is naar verduurzaming. Aangetekend moet worden dat middelen voor de ‘groene teelt’ niet per definitie veilig zijn. Toetsing en toelating volgens afgestemde richtlijnen blijven daarom altijd nodig, het Ctgb heeft als taak alle voor- en nadelen tegen elkaar af te wegen in het belang van veiligheid voor mens, dier en milieu.

Luuk van Duijn, secretaris/directeur Ctgb

Of registreer je om te kunnen reageren.