Commentaar

1735 x bekeken

Hulde aan de pootgoedsector

De Nederlandse pootgoedsector heeft zijn zaakjes uitstekend voor elkaar. Dat blijkt uit de tussenbalans van aardappelorganisatie NAO.

De export in de eerste maanden van het seizoen doet nauwelijks onder voor die van vorig jaar. Dat was een recordperiode, terwijl de markt nu veel grilliger is. Veel pootgoed gaat naar olielanden. Die kampen met een enorme inkomstendaling als gevolg van de extreem lage olieprijs. Blijkbaar is goed Nederlands pootgoed zo belangrijk voor hen dat ze het blijven afnemen.

Eensgezindheid

Het is de beloning voor de eensgezindheid in deze zeer gespecialiseerde keten. Vrijwel alle neuzen staan dezelfde kant op, van kweker tot teler en handelshuis. Kwaliteit staat voorop. Problemen worden eensgezind aangepakt, denk aan bacterieziekte Erwinia. Een paar jaar geleden was die nog een bedreiging, maar met een ambitieus meerjarenprogramma is de sector het probleem te lijf gegaan. Hetzelfde gebeurt nu met het chitwoodi-aaltje. Ook deze potentieel gevaarlijke dreiging wordt met vereende kracht aangepakt.

Er zijn ook andere sectoren waar de neuzen dezelfde kant op staan en waar het goed gaat. Denk aan de vleeskalveren onder leiding van VanDrie en aan de zuivel onder leiding van FrieslandCampina. Verschil is dat daar één grote partij de lead heeft. In pootgoedland zijn veel kleinere spelers. Blijkbaar lukt het ook om zonder sterke leider toch succesvol te zijn. Dat geeft de boer moed.

Of registreer je om te kunnen reageren.