Redactieblog

1728 x bekeken 2 reacties

Kennis maken in sector

Met het verdwijnen van de productschappen is de kans ook aanwezig dat ontwikkeling van nieuwe kennis verdwijnt. Dat vraagt reactie van akkerbouwers.

Voor de Nederlandse akkerbouw wordt veel onderzoek uitgevoerd, kennis ontwikkeld en op de juiste manier overgedragen en toegepast. Het systeem van kennisontwikkeling en -verspreiding was een groot goed in de land- en tuinbouw. Het was collectief geregeld en iedereen droeg bij aan de financiering. De productschappen vervulden hierbij een essentiële rol, door financiering en sturing van het onderzoek.
Het nieuw aangetreden kabinet heeft echter in het regeerakkoord opgenomen dat de productschappen moeten verdwijnen; dat betekent het einde van collectieve financiering van onderzoek. Overigens past het verdwijnen van de productschappen in een maatschappelijke trend, namelijk dat collectieven aan belang inboeten.
Kennis is essentieel. Daarom is het beter om niet bij de pakken neer te zitten en achterom te kijken, maar juist vooruit te kijken en te bezien hoe de akkerbouwer van de toekomst voorop blijft lopen met kennis van zaken.

Wie is verantwoordelijk voor kennis? Deze vraag is op zijn plaats. Waar vroeger de kennis min of meer naar de teler toe kwam, wordt van hem of haar zelf in de nabije toekomst meer en meer inspanning verwacht om objectieve kennis op te doen.
Veel beschikbare kennis is gekoppeld aan een product en is daarmee niet geheel los te zien van dat product.

Daarnaast is op bepaalde gebieden veel kennis beschikbaar, terwijl op andere vakgebieden waar de teler mee te maken krijgt, weinig kennis voorhanden is, zoals op het gebied van bodem.
In de nabije toekomst zijn voor de akkerbouwer twee zaken van essentieel belang. Kennisinkoop wordt een vast onderdeel van de bedrijfsvoering. Is dit niet goed georganiseerd, dan loop je binnen de kortste keren achter. En dan gaat het om kennis voor de gehele bedrijfsvoering.
Daarnaast moet de akkerbouwer bij de inkoop van kennis kritisch bezien of die kennis ongekleurd is, en of ze meerwaarde oplevert.
De lijn van eigen verantwoordelijkheid voor kennisinkoop gaat nog verder. Met het verdwijnen van de productschappen is de kans ook aanwezig dat het ontwikkelen van nieuwe kennis verdwijnt. Als er geen collectieve kennis meer ontwikkeld wordt, dan is het gevaar groot dat meer en meer gekleurde kennis op de markt komt.

Dit is een nieuw vraagstuk voor de akkerbouwsector. Wie pakt de draad van kennisontwikkeling, dus praktijkonderzoek, op?
Hierbij moeten nieuwe ideeën worden gestimuleerd. De eerste initiatieven hiervoor zijn zichtbaar. Vooruitstrevende (groepen van) akkerbouwers zijn betrokken bij het opzetten, financieren en uitvoeren van proeven in de praktijk. Dit vraagt de komende jaren veel inspanning van de akkerbouwsector en van de ondernemers daarin. Maar het levert ook mooie perspectieven op, namelijk om door het ontwikkelen en toepassen van kennis voorop te blijven lopen in die sector.

Laatste reacties

  • bankivahoen

    Ontwikkelen van nieuwe kennis zal geleidelijk opdrogen omdat ook de primaire agrarische sector in snel tempo afneemt. Men wil in ons land alleen nog maar een export van de kenniseconomie maar men vergeet dat de wortels hiervan al doorgesneden zijn dus ook dit zal een utopie blijken.Zolang er minderwaardig naar de 'handjesberoepen' wordt gekeken zal de economie uiteindelijk stranden. Zie de bouwsector waar dagelijks meer als 50 personen de ww in belanden maar waar wel overal langs de weg Roemenen,Bulgaren,Letten en Litouwers het werk overnemen!

  • hebikniet

    Met deze instelling klopt dat. Wellicht is er een groter verschil tussen de oost europese en nederlandse akkerbouwsector dan in de bouw. Als iedereen er zo instaat als u dan droogt het idd op.

Of registreer je om te kunnen reageren.