Akkerbouw

Achtergrond 4644 x bekeken 9 reacties

‘Stikstofsensoren bieden geen toegevoegde waarde’

Een interview met Imke Borchart, projectleider On Farm Research, over de toegevoegde waarde van N-sensoren en de betrouwbaarheid van opbrengstkaarten.

Opbrengstkaarten van combines vormen de basis van precisielandbouw, maar dergelijke kaarten blijken vaak behoorlijk onnauwkeurig, blijkt uit het tienjarige project On Farm Research. Nog een conclusie van het project: stikstofsensoren als de Yara N-Sensor en de Fritzmeier Isaria bieden geen toegevoegde waarde. On Farm Research heeft gedurende tien jaar de N-sensoren getest op 300 hectare akkerland van het 1.424 hectare grote Noord-Duitse akkerbouwbedrijf van Landgoed Helmstorf.

N-sensoren of eigen inzicht?

Doel van het project is te onderzoeken of intelligente techniek de arbeidsefficiëntie en opbrengst kan verbeteren en de teelten kan verduurzamen door efficiënter stikstof te bemesten. Zo zijn de N-sensoren die realtime op basis van de gewasstand de kunstmestgift variëren vergeleken met gewoon landbouwkundig gebruik, waarbij de trekkerchauffeur zelf naar eigen inzicht tijdens het strooien bijplust op de strooierterminal op dunne gewasstand en mindert op weelderige stukken.

De Yara N-sensor. Naast de Fritzmeier Isaria is in het On Farm Research-project ook de Yara N-Sensor getest. - Foto: Mark Pasveer
De Yara N-sensor. Naast de Fritzmeier Isaria is in het On Farm Research-project ook de Yara N-Sensor getest. - Foto: Mark Pasveer

De fabrikanten van N-sensoren claimen dat met N-sensoren op N-kunstmest bespaard kan worden, een betere tarwekwaliteit (eiwitgehalte) en dat de N-balans (aanvoer stikstof door bemesting minus afvoer N tarwe) verbeterd kan worden. Na tien jaar onderzoek bleken de verschillen tussen conventioneel bemesten en bemesten met de N-sensoren nihil. Het graansaldo met de Yara N-Sensor lag € 47 per hectare lager dan bij conventioneel boeren, terwijl het de stikstofbalans 63 tegen 66 kilo per hectare bedroeg. Nagenoeg gelijk dus. Met de Isaria was het saldo € 5 per hectare lager, maar lag het stikstofgebruik 10 kilo hoger dan conventioneel bemesten.

Interview met projectleider Imke Borchart

De beloofde claims van de fabrikanten blijken in de praktijk dus niet waargemaakt te worden, luidt volgens projectleider Imke Borchardt de conclusie. Zowel fabrikant Yara als Fritzmeier distantiëren zich overigens van de conclusie, omdat ze van mening zijn dat de meerjarige proef van de Landwirtsschaftskammer niet wetenschappelijk genoeg is uitgevoerd. Een interview met Imke Borchart, projectleider On Farm Research, over de gevoegde waarde van N-sensoren en de betrouwbaarheid van opbrengstkaarten.

De focus van het project On Farm Research was op N-sensoren. Wat is jullie hoofdconclusie?

“Stikstofsensoren als de Yara N-Sensor en de Fritzmeier Isaria bieden geen toegevoegde waarde ten opzichte van conventioneel bemesten, waarbij de trekkerchauffeur zelf naar eigen inzicht tijdens strooien bijplust op de strooierterminal op dunne gewasstand en mindert op weelderige stukken. Zowel graansaldo als stifstofbenutting waren nagenoeg gelijk aan elkaar.”

Wat is nog meer onderzocht?

“On Farm Research heeft ook onderzoek verricht naar de nauwkeurigheid van de opbrengstkaarten van de combine. Op basis van opbrengstkaarten worden binnen precisielandbouw vaak vervolgstapppen bepaald. De kaarten op basis van RTK-gps worden als 100% betrouwbaar beschouwd, maar is dat zo? De Claas Lexion is voorzien van een opbrengstsensor, die is gemonteerd op de opvoerband richting de graantank. De korrels hebben al een reis van 10 seconden door de combine gemaakt tussen moment van maaien en passeren van de opbrengstsensor passeert. Tijdens het dorsproces worden opbrengstverschillen wat uitgevlakt. Ook wordt een deel niet goed gedorst graan via de overkeer weer teruggevoerd naar de schudders of rotor, om opnieuw het dorsproces te ondergaan. Er is dus geen 100% één op één relatie tussen de hoeveelheid graan dat op moment X wordt gemaaid en de hoeveelheid graan dat op moment Y de opbrengstsensor passeert. Het vochtgehalte veroorzaakt echter de grootste afwijking."

Imke Borchart, projectleider On Farm Research - Foto: Mark Pasveer
Imke Borchart, projectleider On Farm Research - Foto: Mark Pasveer

"We hebben de opbrengsten vergeleken door alle gedorste graan te wegen op een geijkte weegbrug. 51 van de 81 gewogen karren wijken qua gewicht meer dan 5% af dan volgens de opbrengstkaart van de combine. In het kernperceel kwamen afwijkingen van wel 23% voor en op kopakkers zelfs van 27%. Conclusie: opbrengstkaarten zijn niet 100% waarheidsgetrouw, maar geven een goede indicatie van de opbrengst van een perceel.”

Taakkaarten suggereren recisie. Is dat ook in de praktijk haalbaar?

“Bij het aansturen van de strooier blijkt regeltijd de precisie wat af te zwakken. Op kaarten is de overgang van de ene naar het andere zone een harde grens, maar het bijregelen van de strooier kost 3 seconden regeltijd. Bij het passeren wordt de giftaanpassing dus een vloeiende overgang. Bij 8 kilometer per uur is de gewenste dosering pas na 5,5 meter na de harde overgangsgrens bereikt. Bij rasters van 12 bij 12 meter is de strooier dus haast continu aan het bijregelen. Ook dit heeft een egaliserend effect. Eigenlijk krijgt in de praktijk vrijwel geen plek op het perceel de gift die het eigenlijk zou moeten hebben.”

Het project On Farm Research is een project van de Landwirtschaftskammer Sleeswijk-Holstein en werd door hen gefinancierd, samen met de stichting Sleeswijk-Holsteins Landschap en de Landwirtschaftlichen Rentenbank in Frankfurt.

Laatste reacties

  • hebikniet

    Tsja, precisie landbouw lijkt wel degelijk over meer te gaan dan hoeveel stikstof strooien. Beetje boer weet zelf toch ook waar de schrale plekken normaliter zitten bij de eigen percelen.......

  • new kids

    Nou da's een duidelijk verhaal, mooi dat men die conclusie zo keihard durft te trekken. Veel meer van dergelijke techniek moeten we misschien wel in twijfel trekken, bijvoorbeeld de drone techniek. Leuk om een beeld van boven te hebben, maar of je er zo veel mee kan. Een goede plantverzorger rijdt of loopt door zijn/haar gewassen en observeert, daar kan veelal nog geen techniek tegen aan.
    En 't kost een hoop centen al die rommel aanschaffen.
    Een goede boer(in) zegt: "Je kunt niet blazen en het meel in de zak houden", m.a.w. Er moet genoeg kunstmest gestrooid worden om een goede opbrengst te behalen.

  • koestal

    Er wordt een boel onzin voor boeren bedacht,allemaal speelgoed.

  • farmerbn

    Gelukkig is een goede boer niet te vervangen door een zogenaamd slim apparaat.

  • mtseshuis

    Best blij met dit artikel: Staat of valt dus toch nog gewoon met boerenkennis en kunde! Ook de rest van deze eeuw zijn we nog gewoon onmisbaar!

  • KKL99

    Het is natuurlijk maar net hoe je de definities stelt. Precisielandbouw, of smart farming, suggereert inderdaad dat je met geavanceerde technieken je kosten probeert te drukken en/of je opbrengst per hectare probeert te verhogen. Het toedienen van middelen in de juiste hoeveelheid, op de juiste plaats. Het is zeer de vraag of dit altijd noodzakelijk met geavanceerde technieken moet, het is echter wel duidelijk dat het veel verder gaat dan alleen opbrengstmeting en stikststofgift .Inderdaad, de echte boer, zelf, kan tijdens het strooien zelf plussen en minnen. En weet gelukkig zelf waar de slechte delen op zijn perceel zijn. Dit betekend echter wel dat hij ook altijd zelf met de strooier moet rijden. Een situatie die niet bij ieder bedrijf het geval meer is, of zal zijn. Het kan echter nooit zo zijn dat de boer onmisbaar wordt. Op het moment dat het zo ver is, dat de teelt gemanaged kan worden van achter de PC, met slechts de metingen die gedaan zijn door machines als bron, zal er toch nog altijd de boer zijn die de data interpreteert. Daarnaast zal het boerenverstand onmisbaar blijven. Ook machines kunnen falen, en ook sensoren kunnen ontregeld raken.

  • agrieehollande

    aan al die precisie hangt een prijskaartje en er gaat ook veel werk in zetten waarvan het maar de vraag is of het zich terug laat verdienen

  • Zandboertje

    Als stikstofsensor voldoen ze wellicht niet, maar als gewassensor zijn ze prima bruikbaar. En heel soms is het N, maar vaak pH en aanverwanten. N is water, en m.i. een zwaar overtrokken mineraal.

  • HermanKrebbers

    Uitgebreid 4 jarig onderzoek in wintertarwe in Engeland tonen vergelijkbaar resultaat. Stikstof variabel doseren alleen op gewassensing leverde geen voordeel op. Zo ook in Nederlandse projecten. Sensoren en spectraalbeelden drones geven echter wel goede informatie over groeiverschillen en zones in veld. Daarop oorzaakanalyse. Blijkt vaak p of k probleem of bodemstructuur en bodemverdichting of vochtvoorziening. Veel ervaring mee.

Laad alle reacties (5)

Of registreer je om te kunnen reageren.