Akkerbouw

Achtergrond 1773 x bekeken

Soms is een nieuwe kiemremmer beter

Maleïnehydrazide, 1,4Sight, Biox M en Restrain zijn in sommige situaties goede alternatieven voor CIPC in consumptieaardappelen. De belangstelling hiervoor groeit.

Spruitvorming van aardappelen in een bewaring is altijd ongewenst. Het veroorzaakt financiële schade door gewichts- en kwaliteitsverlies. Ook zijn kiemende knollen extra vatbaar voor ziekten, zoals fusarium en zilverschurft, met risico op onverkoopbare partijen.

Vorming van acrylamide

Met kiemgroeiregulatoren kunnen telers kieming van aardappelen voorkomen of tenminste langdurig uitstellen. Aardappelen zijn langer te bewaren of telers kunnen ze bij een hogere temperatuur bewaren. Dit laatste heeft ook als voordeel dat zich minder suikers vormen in de aardappel, waardoor de bakkleur bij frituren lichter blijft. Tevens beperkt het daarmee de vorming van acrylamide, een stof met gezondheidsbedreigende effecten.

'Er is een risico op schilbrand en je houdt residu in de bewaring'.

Chloor IPC

De meest gebruikte werkzame stof voor kiemremming in consumptieaardappelen is chloor IPC (CIPC of chloorprofam). "Aardappelen behandelen met poeder of vloeibare varianten van CIPC bij inschuren is het meest effectief in kiemremming, maar er is een risico op schilbrand en je houdt residu in de bewaring", zegt Bert Westhoff, technisch productadviseur akkerbouw van BASF. "Toepassen van chloor-IPC via heetverneveling met swingfog, electrofog of koudverneveling in de bewaring kan ook. Het is goedkoop, maar ook minder effectief", vervolgt hij. Volgens Harry Salomons van Certis, heeft CIPC nog steeds grote voordelen voor gebruikers en afnemers. "CIPC is de basis voor een bedrijfszekere kiemremming en dit middel staat niet ter discussie. Er is hiermee jarenlange ervaring opgedaan en het heeft een betrouwbare en bewezen werking. Telers gebruiken nauwelijks alternatieven in de bewaring, behalve in specifieke toepassingen."

Kiemremmingsmiddelen op basis van chloorprofam (CIPC) kunnen schilbrand veroorzaken op gevoelige rassen.<br /><em>Foto: Peter Roek </em>
Kiemremmingsmiddelen op basis van chloorprofam (CIPC) kunnen schilbrand veroorzaken op gevoelige rassen.
Foto: Peter Roek

Schilbrand

Kiemremmingsmiddelen op basis van chloorprofam (CIPC) kunnen bij toepassing direct na de oogst schilbrand veroorzaken op gevoelige rassen of op aardappelen die onvoldoende zijn afgehard. Voor tafelaardappelen verdient het aanbeveling om tijdens inschuren geen producten met CIPC toe te passen. Dit om de kans op afwijkingen in schilkwaliteit te voorkomen. Aardappelverwerkers moeten knollen met schilbrand dieper schillen en dat gaat ten koste van kwaliteit en verwerkingsrendement. In 2014 constateerde Aviko Potato veel gevallen van schilbrand bij aardappelen, vooral van het ras Innovator. Als basisbehandeling werd maleïnehydrazide (MH) aanbevolen om te diep schillen en kortingen voor telers bij een te groot verlies te voorkomen.

'MH en 1,4Sight zijn goede, milieuvriendelijke alternatieven voor CIPC'.

Alternatieven voor CIPC

Er zijn enkele alternatieven voor CIPC die geen residu achterlaten in de bewaring en die schilbrand voorkomen (zie tabel Alternatieve kiemgroeiregulatoren voor CIPC in consumptieaardappelen). "MH en 1,4Sight zijn goede, milieuvriendelijke alternatieven voor CIPC", zegt Jan Salomons van Delphy, die de toepassing van MH de laatste jaren ziet toenemen. "De effectiviteit van 1,4Sight is goed, maar hiermee is nog slechts één jaar ervaring."

Erwin Boogaard, teeltspecialist akkerbouw van Agrifirm Plant, merkt in de praktijk dat telers minder vaak Biox M en Restrain ethyleen toepassen. Agrico heeft geen voorkeur voor een kiemremmingsmiddel in consumptieaardappelen. "Het is aan de telers. Chloor IPC werkt goed, net als de alternatieven MH, 1,4Sight, Biox M en Restrain", zegt Jan van Hoogen van Agrico. Volgens Westhoff kijken afnemers wat 1,4Sight betreft de kat uit de boom. "Er is interesse voor CIPC-vervanging voor deelmarkten. Diverse afnemers testen ons nieuwe product op de technische resultaten", zegt Westhoff, die aangeeft dat vanwege concurrentie de kostprijs van grondstoffen ook niet (te veel) mag stijgen.

Maleïnehydrazide: MH

De kiemremmingsmiddelen Crown MH (vloeibaar) geleverd door Certis en Royal MH (granulaat), geleverd door Bayer Agro, bevatten maleïnehydrazide (MH) als actieve stof. "Sinds maleïnehydrazide (MH) in 2010 ook in aardappelen werd toegelaten, is de markt voor MH gegroeid", zegt Harry Salomons van Certis. Sinds twee jaar is Certis met Crown MH op de markt. Deze vloeibare gebruiksvriendelijke vorm van MH levert meer arbeidsgemak op bij de toepassing van MH. "Gebruikers willen hun nieuwe bewaarschuur residuvrij houden of gebruiken MH om schilbrand in gevoelige rassen te voorkomen. Sommigen gebruiken het middel alleen om aardappelopslag te beperken", vertelt Harry Salomons. MH is tijdens de teelt toepasbaar via een bespuiting en komt in alle knollen terecht. Het houdt aardappelen tijdens bewaring langdurig in rust en achtergebleven knollen op het veld kiemen veel minder. MH geeft wel een residu in de knol, waar je CIPC grotendeels kwijtraakt door schillen. De vloeibare vorm van Crown MH lost sneller op dan granulaat Royal MH.

Spuitmoment

Bij gebruik van MH is het juiste spuitmoment erg belangrijk en dat is afhankelijk van ras en groeiseizoen. Het spuitmoment moet minstens 3 tot 5 weken voor afrijping of de geplande loofdoding liggen. Dan moet minstens 80% van de te oogsten knollen een diameter van meer dan 25 millimeter hebben. Dit is te controleren met proefrooiingen. "Na bespuiting moet het gewas nog minimaal 3 tot 5 weken aan de groei blijven. Schat dat maar eens in bij een perceel wat niet helemaal egaal groeit", zegt Boogaard. Hij geeft ook aan dat bij MH-gebruik niet is te voorspellen of en wanneer aanvullende maatregelen, zoals gassen met CIPC of gebruik van 1,4Sight, nodig zijn. MH stopt de celdeling, maar niet de celgroei, waardoor de knol doorgroeit.

Een te vroege bespuiting kan dus opbrengst kosten. Voordelen van MH zijn dat het geen residu achterlaat in de bewaarschuur en het vermindert het aantal opslagplanten in de volgteelt. Dat scheelt tijd en kosten aan opslagbestrijding. Ook levert het behoud van schilkwaliteit op en minder gewichtsverlies tijdens bewaring. "Bij niet al te kiemlustige rassen, bijvoorbeeld Agria, kunnen telers volstaan met MH in combinatie met koeling", zegt Jan Salomons van Delpy. "Bij Innovator is toepassing van CIPC bij bewaring na januari vaak nog wel nodig tegen kieming."

Veel kiemremmers werken pas als de kiem zich begint te ontwikkelen.<br /><em>Foto: Peter Roek </em>
Veel kiemremmers werken pas als de kiem zich begint te ontwikkelen.
Foto: Peter Roek

1,4Sight verlengt kiemrust

Sinds juli 2015 is 1,4Sight van BASF op de markt. "Het unieke van 1,4Sight ten opzichte van andere middelen is dat het geen kiemremmer is, maar een kiemrustverlenger en dat werkt wezenlijk anders", aldus Westhoff. "Het aangrijpingspunt van 1,4Sight ligt zeer vroeg in het kiemproces. Hierdoor komen de meeste interne processen, die voorafgaan aan het uitgroeien van de kiem, niet op gang. Dit in tegenstelling tot alle andere kiemremmers die pas werken als de kiem zich begint te ontwikkelen. Met toepassing van 1,4Sight komt ook de inwendige veroudering niet op gang. Bij alle andere kiemremmers, die alleen de spruitgroei zelf remmen, is dat wel het geval."

1,4Sight staat geregistreerd als gewasbeschermingsmiddel en bevat 98% werkzame stof 1,4dimethylnaftaleen (1,4DMN), een hormoon dat van nature voorkomt in de aardappel, met name in de schil. Het beste effect met 1,4Sight bereiken telers als ze zo spoedig mogelijk na inschuren een eerste behandeling met 1,4Sight uitvoeren. Dan kan met 1 of 2 behandelingen de kiemrust volledig worden hersteld en stopt eventuele kiemontwikkeling.

Minder snelle veroudering van knol

De voordelen van 1,4Sight ten opzichte van andere kiemremmers zijn lagere bewaarverliezen en minder snelle veroudering van de knol. "Omdat er minder 'leven' in de knol zit, is de CO2-productie in een 1,4Sight bewaarcel een stuk lager en geeft het minder schommelingen in de temperatuur", legt Westhoff uit. "Dat bespaart op energiegebruik door minder draaiuren van de ventilatoren, net als het warmer kunnen bewaren van de aardappels. Ook blijven bakkleur en smaak door minder versuikering beter behouden."

Telers kunnen 1,4Sight in gasvorm gedurende de gehele bewaarperiode toepassen met een interval van 5 tot 6 weken tussen opeenvolgende behandelingen. De adviesdosering is in totaal 90 ml/ton voor de lange bewaring in een schema van 20-20-15-15-10-10 milliliter. Ook zijn alleen 2 startbehandelingen met 1,4Sight mogelijk ter vervanging van CIPC om daarmee schilbrand te voorkomen met daarna chloorgassen. "Telers kunnen 1,4Sight ook combineren met MH om te besparen op de kosten van 1,4Sight en ook om voor lange bewaring niet afhankelijk te zijn van CIPC", zegt Westhoff.

'De geur van muntolie blijft lang hangen. Overleg voor gebruik met afnemer.'

Biox-M en Restrain

Sinds 1 november 2011 is Biox M, een natuurlijke kiemremmer op basis van 100% groene muntolie, toegelaten voor (biologische) consumptie- en zetmeelaardappelen. Er geldt een termijn van 12 dagen tussen de behandeling en in de handel brengen van de aardappels. De geur van muntolie blijft lang hangen en het is daarom raadzaam vóór het gebruik te overleggen met de afnemer. Telers kunnen Biox M toepassen met een electrofog, cyclomatic, resonator of met een pieperdoes op een droge partij. Een pieperdoes is geschikt tot 200 ton en kan bovenop de kisten worden geplaatst. Een pieperdoes of cyclomatic kost ongeveer €1.500. In een ruimtekoeling is het toepassen van Biox M lastig. De eerste behandeling uitvoeren met een dosering van 90 milliliter per 1.000 kilo, de navolgende toepassingen 30 milliliter per 1.000 kilo. Per seizoen zijn maximaal 11 toepassingen toegestaan met een intervallen van 3 weken.

Restrain heeft een toelating als kiemremmingsmiddel voor pootgoed, zetmeel- en consumptie-aardappelen voor versgebruik, maar niet voor friet- en chipsaardappelen. Restrain is een continu ethyleengasbehandeling van bewaarplaatsen, toegepast met de Restrain Generator dat ethanol omzet in ethyleen. De ingestelde concentratie ethyleen blijft continu op een bepaald niveau via een sensor en onderdrukt de celstrekking.

'Wij zijn geen voorstander van ethyleenbewaring van tafelaardappelen'.

Ethyleen

Telers kunnen ethyleen het beste vanaf het begin van de bewaring toepassen op droge partijen. Ook Biox M kunnen telers het beste in een vroegtijdig stadium toepassen, maar het werkt ook goed als er al witte punten zichtbaar zijn. Later toepassen geeft risico op binnenschot. Bij ethyleen- en Biox M-toepassing is een zo laag mogelijke bewaartemperatuur nodig om inwendige veroudering te vertragen. Dit is een probleem bij het bewaren van friet- of chipsaardappelen. Als telers geen ervaring hebben met Restrain in een bepaald ras, is overleg nodig met het handelshuis of afnemer. "Wij zijn geen voorstander van ethyleenbewaring van tafelaardappelen, omdat ze na aflevering versneld gaan kiemen", zegt Wim van Ree van Nedato, die een voorkeur uitspreekt voor MH en 1,4Sight.

Westhoff: "1,4Sight is technisch een goed alternatief voor chloorprofam, maar wel duur. CIPC werkt ook prima, maar als telers ook uien bewaren, is dat toch minder handig vanwege nultolerantie van CIPC voor uien." Volgens Westhoff kan CIPC ook kruisbesmetting veroorzaken naar andere producten, zoals granen, peen en knolselderij. "Zelfs in gewassen op het veld kan CIPC residu voorkomen door het ontsnappen van CIPC-gas uit een niet goed afgesloten bewaring", zegt Westhoff.

Of registreer je om te kunnen reageren.