Akkerbouw

Achtergrond 1175 x bekeken

Uienpools sluiten dit jaar met recordprijzen

Oogst 2015 gaat bij veel uientelers als een topjaar in de boeken. Lang bewaren heeft niet gerendeerd.

Gekeken over afgelopen 5 jaar ontlopen de uienpools elkaar weinig, blijkt uit vergelijking pools door Boerderij. De uien van oogst 2015 hebben goede prijzen opgebracht. Afland begon dat al goed en zijn er heel wat partijen afgerekend op €12 tot €15 per 100 kilo. De aflandpool van Allium Plus en de vroege pool van Flevo Onions rekenden zelfs netto rond €16 af. Maar de bewaarpools betaalden ook mooie prijzen, allemaal dik boven hun vijf-jarengemiddelde. In dat vijf-jarengemiddelde telt het dramatisch slechte jaar van oogst 2011 mee toen er maar rond €1 per 100 kilo en zelfs minder is betaald. Ook als we 2011 vergeten, is over de jaren gezien oogst 2015 voor de uienpools een topper.

Rendement bewaring

Lang bewaren heeft dit jaar niet gerendeerd. Zeker niet als je de extra kosten van ventileren, gewichtsverlies en toename van tarra meerekent. Het prijsverloop door het seizoen heen verklaart waarom de JWK Basispool dit jaar het meeste uitbetaalt. In het pooloverzicht is dat de bewaarpool die het vroegste afsluit. Op week 8 is de Van Meir B-pool een goede tweede. Op week 18 en 24 heeft Allium Plus dit jaar de hoogste uitbetaling en heeft PPA een mooie op één na hoogste uitbetaling. Allium Plus zette dit jaar in op een kleiner volume op het einde van de rit. Vorig jaar leverde het omgekeerde Allium Plus ook de hoogste uitbetaling op. PPA werkt met een langere periode en meer gelijkmatige volumes.

Poolen of zelf verkopen?

In de vrije markt hebben de telers die hun verkoopmoment zelf bepalen voldoende kansen gehad een mooie prijs te maken, maar uienhandel was ook dit jaar geen gegarandeerde winstformule. Op het einde van de rit zakte de prijs af, waardoor speculanten die op lange bewaring mikten met minder dan €10 genoegen moesten nemen. In juli gingen er nog meerdere partijen voor de schillerij naar Polen. Dan staat er veldgewas €2 tot €5 per 100 kilo op de afrekening.

Pools worden diverser

De grondgedachte achter een pool is de pieken en dalen over het hele seizoen met elkaar te delen. Wie in de pool dezelfde kwaliteit levert, krijgt dezelfde prijs betaald, gecorrigeerd met een bewaarvergoeding. Wanneer de pool netjes volgens de theorie over het hele seizoen wekelijks vaste volumes afzet, dan komt daar een gemiddelde prijs uit die automatisch dicht bij het gemiddelde van de beursprijzen ligt. De deelnemer kiest met een pool voor de zekerheid van een gemiddelde.

Alleen PPA en Stichting Uienpool Flevoland hebben één pool over de hele afzetperiode. Anderen hebben ook een aflandpool of pools met verschillende looptijden.<br /><em>Foto: Ronald Hissink</em>
Alleen PPA en Stichting Uienpool Flevoland hebben één pool over de hele afzetperiode. Anderen hebben ook een aflandpool of pools met verschillende looptijden.
Foto: Ronald Hissink

Looptijden niet gelijk

Dat de uitbetaling van pools onderling verschilt, heeft meerdere oorzaken. Ten eerste zijn de looptijden van de pools niet allemaal gelijk. Looptijd is een belangrijke verklaring voor het verschil in uitbetaling. En hoewel een pool eigenlijk de tegenhanger is van speculeren op de hoogste prijs is een aantal pools ook niet helemaal vrij van een enigszins speculatief uitgangspunt. Bijvoorbeeld Wiskerke introduceerde dit jaar de JWK Speculatiepool die deze naam kreeg, omdat die pool meer is gericht op de tweede helft van het seizoen en anders dan de JWK Basispool ook een gokje waagt op een opleving van prijzen op het einde van de rit. Bij Van Meir kiest de deelnemer voor een A-, B- of C-periode en maakt daarmee ook voor zichzelf al een soort van speculatieve keuze.

Marktverwachting

Verschillende pools hanteren het principe van gelijke volumes per periode, maar er zijn ook pools, zoals Allium Plus, die ook de marktverwachting laten meespelen in het afzetpatroon. Die hebben ze dit jaar goed ingeschat en dat verklaart ook hun hoge uitbetaling. Hoewel bij alle pools het karakter van middelen van prijzen overeind blijft waardoor de deelnemer geen al te grote builen kan vallen. Hoe groter het totale volume in de pool, hoe meer die ook vanzelf op een gemiddelde prijs van het seizoen uitkomt. Stel dat een pool over een periode van 6 maanden maar 6 partijen te verhandelen heeft en er wordt iedere maand een partij verkocht, dan is het een kwestie van geluk of dat net precies steeds de beste momenten waren.

10 tot 15% via pools afgezet

De meeste poolbeheerders houden de kaken op elkaar als het gaat om het volume dat ze afzetten. Naar schatting wordt er 10% tot 15% van het totale volume aan uien via pools afgezet. De wat grotere pools zitten zo tussen 15.000 en 20.000 ton uien. Er zijn grotere en er zijn kleinere. Een ander punt waarin pools van elkaar verschillen, is de mate waarin ze in de uitbetaling onderscheid maken naar geleverde kwaliteit, grofte, hoe de bewaarvergoeding is opgebouwd, of de transportkosten in de massa worden gedeeld of per deelnemer worden verrekend. En er is verschil in hoe de tarra wordt verrekend.

Vanwege deze verschillen zijn de poolprijzen die Boerderij bekendmaakt steeds gebaseerd op 'de Boerderijpartij', een partij van steeds dezelfde omvang en kwaliteit: Bruto 350 ton uien, vrij van grond en overige tarra, 8% uientarra, GlobalGap-gecertificeerd, grofte die overeenkomt met het gemiddelde voor het seizoen en, indien van toepassing, transportkosten voor 25 kilometer.

Fraaie ui. afzetseizoen 2015/2016 kenmerkt zich door matige kwaliteit en partijen met inwendige gebreken.<br /><em>Foto: Mark Pasveer </em>
Fraaie ui. afzetseizoen 2015/2016 kenmerkt zich door matige kwaliteit en partijen met inwendige gebreken.
Foto: Mark Pasveer

Tegenvallende kwaliteit

Hoewel oogst 2015 een best jaar was voor de meeste telers was de kwaliteit dit jaar wel een punt. Kleur viel nogal eens tegen en er waren partijen met inwendige gebreken, zoals donkere ringen. Aan de buitenkant was dat niet zichtbaar, maar wel een probleem voor de afzet. Koprot was geen punt, maar toch was er gemiddeld 2 tot 3% meer tarra. Vooral later in het seizoen moet Nederland het hebben van markten die echt op kwaliteit gericht zijn en zonder uitzondering hameren de poolbeheerders op levering van blanke, harde uien. Het blijft poolbeheerders verbazen dat er nog steeds telers zijn die weinig idee hebben van de kwaliteit van hun uien en wat je daar in de markt mee kunt.

Prijzen lange tijd stabiel
Droog uit de schuur trekken de beursprijzen al gauw naar een vrij stabiele €20. Vanaf april zakt het af naar uiteindelijk rond €12. Grof betaalt vanaf februari wat beter dan fijn, maar grosso modo is er geen groot verschil. Later in het jaar is vooral grof en alleen goede kwaliteit voor goede prijzen af te zetten. Het prijsniveau lag al hoog dus we waren verwend. Kwaliteit beperkte op het eind de afzetmogelijkheden. Nederland exporteert dik 1 miljoen ton uien naar bijna 120 landen. Vorig jaar tot en met week 27 1.020.060 ton, dit jaar stond in week 22 de teller op 1.001.692 ton. Per saldo zal het totale volume dus niet zoveel schelen. Grootste klant is ook dit jaar Senegal met 155.617 ton. Daar gaat na februari niks meer heen en ook andere grote klanten in Afrika nemen vroeg in het seizoen grote volumes af. Tot week 13 gaat er wekelijks zo’n 20.000 ton over de grens met een piek boven 30.000 ton in week 49 en 50. Na week 13 gaat het exportvolume naar beneden en worden Zuid Amerika en Azië de bestemmingen waar de hoop op is gevestigd. Brazilië was ook goed voor 107.251 ton.

Beursprijs Emmeloord, bovenkant grof en fijn export seizoen 2015-16.<br /><em>Foto: Ronald Hissink </em>
Beursprijs Emmeloord, bovenkant grof en fijn export seizoen 2015-16.
Foto: Ronald Hissink

Of registreer je om te kunnen reageren.