Akkerbouw

Achtergrond 1196 x bekeken

Pootgoedsector buigt zich over uitbreiding risicogerichte keuring

De pootgoedsector overweegt de risicogerichte keuring ook in te voeren voor de partijkeuring. Deze keuringswijze past binnen de taak van de NAK.

De pootgoedsector lijkt rijp voor een nieuwe opzet van de keuringssystematiek. De keuringsdienst NAK startte in 2013 met het risicogericht keuren van pootaardappelen op Erwinia tijdens de veldkeuring. Afgelopen winter legde de NAK op de telersvergaderingen het voorstel op tafel dit uit te breiden naar de partijkeuring. Daar worden nu verschillende scenario’s voor ontwikkeld. Het risicogericht keuren houdt in dat de keurmeester minder vaak keurt bij een lager risico en vaker bij een hoog risico.

Drie criteria voor risicobeoordeling

Het risicogericht keuren tijdens de veldkeuring gebeurt nu alleen op Erwinia. Dat is de aandoening waar de meeste klachten over komen van afnemers. Bovendien kunnen pootaardappelen latent besmet zijn, zonder dat dit zichtbaar is in het veld. Door extra informatie kan de keurmeester gerichter controleren of Erwinia in een perceel voorkomt. De NAK hanteert drie criteria voor de risicobeoordeling.

  1. Als de bacterieziekte wordt gevonden in een perceel, dan worden zusterpartijen van dezelfde herkomst strenger gekeurd op Erwinia.
  2. Het tweede criterium komt uit de toets op Erwinia van de klassen PB en S. Als in de toets een besmetting wordt geconstateerd, dan worden nateelten strenger gecontroleerd.
  3. Tot slot kijkt een keurmeester of er vaak in een perceel wordt geselecteerd. Zo ja, dan komt hij vaker langs.

De telers werden afgelopen winter op de telersvergadering geïnformeerd over het plan om het risicogerichte keuren ook in te voeren voor de partijkeuring. Dan wordt de intensiteit van de keuring gebaseerd op een risico-inschatting. Een werkgroep buigt zich over verschillende scenario’s en laat zich adviseren door een klankbordgroep bestaande uit telers en vertegenwoordigers van de adviesraad van de NAK.

De bevindingen van de werkgroep worden later dit jaar voorgelegd aan de adviesraad en daarna aan de vaste commissie voor pootaardappelen van de NAK. Daarin zitten vertegenwoordigers van kwekers, handelshuizen, telers en afnemers van pootaardappelen. Als de adviesraad en de commissie ja zeggen, volgt eerst een proefproject om de risicogerichte partijkeuring te testen. Het wordt op zijn vroegst oogst 2018 voordat een nieuw systeem wordt ingevoerd, als de sector er mee instemt.

Minder discussie tussen teler en keurmeester

Het systeem van risicogerichte keuring past binnen de taak van de NAK, zegt Ton Stolte, manager Operations bij de keuringsdienst. “Het is de taak van de NAK om de kwaliteit van pootaardappelen zo goed mogelijk vast te stellen. De keurmeester houdt in de praktijk al rekening met de voorgeschiedenis van de partij pootaardappelen. Ook kent de keurmeester de bedrijven. Partijen van telers die meer eigen verantwoordelijkheid willen hebben, altijd kwaliteit leveren en waarbij de partij kwalitatief al goed is, zou je minder vaak hoeven te inspecteren. Door de extra informatie uit de risicoanalyse kan de keurmeester nog nauwkeuriger de kwaliteit vaststellen.”

Telers selecteren hun pootaardappelen. Als telers veelvuldig door het perceel lopen, komt de keurmeester van de NAK vaker langs.<br /><em>Foto: Koos van der Spek</em>
Telers selecteren hun pootaardappelen. Als telers veelvuldig door het perceel lopen, komt de keurmeester van de NAK vaker langs.
Foto: Koos van der Spek

Maar het kan pootgoedtelers storen als voor hun gevoel de keurmeester wel erg vaak langs komt. Stolte: “Door de frequentie van de keuring objectief te laten vaststellen door middel van een centraal gestuurde risicoanalyse, ontstaat minder discussie tussen teler en keurmeester. Het voorkomt dat telers de indruk krijgen dat de ene keurmeester strenger is dan een andere. De keurmeesters maken nu een eigen afweging in de frequentie van keuren. Deze wordt in de veldkeuring al aangevuld met een objectieve risicoanalyse voor Erwinia. Die bepaalt de intensiteit van de veldkeuring. Eenzelfde benadering wil de NAK ook invoeren bij de partijkeuring.”

Geen heksenjacht

Volgens Henk van de Haar, senior beleidsmedewerker bij de NAK, is het risicogericht keuren niet duurder of goedkoper dan de gangbare werkwijze. “Maar met een systeem van risicogericht keuren voorkomen we een ongewenste kostenstijging. De uren die we besteden aan de keuring worden anders verdeeld. De NAK wil haar taak zo goed mogelijk uitvoeren, namelijk de kwaliteit van uitgangsmateriaal bepalen. Telers zeggen wel eens dat de keurmeesters met de voorinformatie bevooroordeeld het veld in gaan. Of dat het op een heksenjacht lijkt, waarbij de keurmeester per se een afwijking wil vinden in een risicoperceel. Maar zo is het niet. Het doel is juist om beter te kunnen vaststellen of de pootaardappelen aan de vereiste kwaliteitsnormen voldoen. Dat is de taak van de NAK. Daar helpt die objectieve voorinformatie bij. Het is een kwestie van mentaliteitsverandering. Ook de keurmeesters moeten wennen aan risicogericht keuren. Het is niet meer alleen hun eigen afweging waar en hoe vaak ze gaan keuren.”

Van de Haar zou graag meer informatie willen dan alleen de gegevens die de NAK zelf heeft. “Sommige telers werken wel eens langs het randje als het gaat om kwaliteit. De handelshuizen houden een administratie bij van de klachten die ze krijgen van afnemers. Daarnaast hebben handelshuizen ook informatie over proefrooiingen. Als de NAK ook die informatie kan gebruiken, kunnen we nog nauwkeuriger werken. Maar dan moeten telers en handelshuizen wel die transparantie willen geven.”

<em>Foto: Henk Riswick</em>
Foto: Henk Riswick

Kostendifferentiatie

Momenteel betalen alle telers hetzelfde tarief per hectare of per ton voor de keuring van hun pootaardappelen. Een teler waar de keurmeester minder vaak hoeft te komen, betaalt zo mee aan de kosten die de NAK maakt bij een teler die meer langs het randje werkt. Het risicogericht keuren maakt het mogelijk meer differentiatie aan te brengen in de keuringstarieven. Stolte: “Met het risicogericht keuren kunnen we de kosten daar neerleggen waar ze worden gemaakt. Dat is het uitgangspunt van de sector: ‘kosten maken is kosten dragen’. Tariefdifferentiatie is een voorwaarde voor het slagen van het risicogerichte keuren. Dat stimuleert telers om er aan mee te doen.”

Het risicogerichte keuren op Erwinia tijdens de veldkeuring vergt momenteel veel extra werk van de NAK, zegt Stolte. “De informatie moet handmatig worden verwerkt en doorgegeven aan de keurmeester. We passen ons computersysteem nu aan. De planning is dat dat in 2018 klaar is. Dan kan het risicogericht keuren veel efficiënter worden gedaan.”

Ook is het NAK-computersysteem dan voorbereid om aanvullende informatie op te nemen, zegt Stolte. “De teler kan dan extra informatie toevoegen, bijvoorbeeld eigen waarnemingen over de kwaliteit van partijen. Dergelijke bedrijfsinformatie kan dan onderdeel worden van de risicoanalyse. Je kunt zelfs denken aan een QR-code op het NAK-certificaat waar de afnemer direct de aanvullende informatie van de teler of handel kan aflezen. De teler moet dan natuurlijk wel zijn toestemming hebben gegeven. En het is aan de sector om te bepalen of dat wenselijk is. Maar de mogelijkheden komen er.”

Maatwerk

Het past volgens de NAK ook bij een maatschappelijke ontwikkeling. Stolte: “Je ziet dat mensen kiezen voor maatwerk en steeds meer eigen verantwoordelijkheid willen. De risicogerichte partijkeuring levert maatwerk en geeft telers meer verantwoordelijkheid. Werken ze nauwkeurig, dan komt de keurmeester minder vaak langs. De partijkeuring wordt dan voor hen goedkoper. Voor degene die dit niet wil, blijft het standaardsysteem van partijkeuren bestaan. Ook dat is dus maatwerk.”

Keuring pootgoed is vastgelegd in EU-regels

De keuring van uitgangsmateriaal is geregeld in EU-wetgeving. De kwaliteit is vastgelegd in verschillende verkeersrichtlijnen, waaronder die voor pootaardappelen. Voor quarantaine-organismen is dat geregeld in de EU-fytorichtlijn. Een richtlijn staat de EU-lidstaten toe voor de eigen productie strengere eisen te stellen dan de minimumeisen van Brussel. De Europese Commissie wilde alle kwaliteitsrichtlijnen samenvoegen in één verordening voor uitgangsmateriaal. Bij een verordening gelden voor alle lidstaten dezelfde regels. De Nederlandse pootgoedsector zag dat niet zitten, want Nederland hanteert strengere eisen voor de kwaliteit van pootgoed dan omringende landen. Dat is een voordeel voor de export. Het Europese Parlement haalde vorig jaar echter een streep door het plan van de Commissie. Het plan ligt nu in de ijskast.

Herziening EU-fytorichtlijn
Maar Brussel werkt nog wel aan een herziening van de EU-fytorichtlijn. Dat moet resulteren in een Verordening Plantgezondheid. Het plan is dat het bedrijfsleven meer mogelijkheden krijgt om zelf de keuring en de controle te organiseren. De overheid regelt dan het officiële toezicht daarop.

Als dit nieuwe plan het wel haalt, ontstaat de situatie dat het bedrijfsleven voor de controle op quarantaine-organismen meer eigen verantwoordelijkheid krijgt dan voor het bewaken van de kwaliteit. Dit terwijl quarantaine-organismen een veel grotere impact hebben op de productie en ­afzet van uitgangsmateriaal dan kwaliteitsproblemen.

Of registreer je om te kunnen reageren.