Akkerbouw

Achtergrond 191 x bekeken

’Telers zijn spil van Aardappel Prijs Informatiesysteem’

De Nederlandse Akkerbouw Vakbond (NAV) heeft de discussie over het Aardappel Prijs Informatiesysteem (API) aangewakkerd door de resultaten van een peiling onder zeventig leden te publiceren. Uit de peiling blijkt dat er weinig draagvlak is voor het API.



Voorzitter Adrie Bossers van de LTO-werkgroep Consumptieaardappelen vindt dat een verkeerd beeld van het API is ontstaan. ”Men denkt dat het prijsinformatiesysteem kan worden beïnvloed door de verwerkende industrie. Dat is niet juist. Het zijn juist de aardappeltelers die de sleutel zijn in het API.”

Volgens Bossers worden contracten getekend met de vier grote aardappelverwerkers en de aangesloten handelshuizen dat zij alle transacties volledig en juist doorgeven aan het API. ”Vervolgens krijgt de teler een sms-bericht met de vraag de transactie te controleren op juistheid. De telers hebben hierin zelf een verantwoordelijkheid. De industrie moet een kopie van de transactie overleggen waar ook de handtekening van de teler onder staat. Bovendien worden alle transacties gecontroleerd door een accountant. Daarnaast kunnen telers zelf ook transacties inbrengen. Ook de industrie heeft belang bij een meer transparante markt. De aardappelmarkt is gedifferentieerder dan vroeger.”

Als een melding vanuit de industrie niet klopt of onvolledig is, worden sancties opgelegd. ”We bespreken nog welke sancties dat worden. Maar ze moeten wel een corrigerend effect hebben.”
Bossers verwacht dat door deze opzet het API een goed beeld geeft van rechtstreeks aan Nederlandse fabrieken geleverde fritesaardappelen. ”De aardappelnoteringen op de beurzen hebben een te grote spreiding. Bovendien melden telers te weinig transacties aan de beurzen.”
Alle prijzen worden zichtbaar op de website van het API, uitgesplitst naar ras, kwaliteit, grofte, grondsoort, leveringstijdstip en partijgrootte. Dat betekent niet dat beurzen overbodig worden, zegt Bossers. ”De beurzen geven ook aan wat de stemming in de markt is. Bovendien kan het API de beurzen ondersteunen met het opstellen van de noteringen.”

Het API wordt opgezet door LTO, NAV, Vavi (Vereniging voor de Aardappelverwerkende Industrie) en de landbouwbeurzen Goes en Emmeloord. De handelsorganisatie NAO is onlangs uit het overleg gestapt en laat het aan individuele handelshuizen over zich aan te sluiten bij het API. De Verenigde Telers Akkerbouw (VTA) heeft nooit mee willen doen. De VTA vindt dat het API niet goed kan werken omdat geen noteringen worden meegenomen van de handel en van buitenlandse kopers. Ook hikt de VTA er tegen aan dat het API wordt gevoed met meldingen van de industrie.

De Landbouwbeurs Noord en Centraal Nederland (LNCN) staat niet negatief tegenover het API maar stelt wel als voorwaarde dat er een groot draagvlak moet zijn onder de telers, dat de industrie volledig moet meedoen en dat vanuit de handel 80 tot 90 procent van het volume moet worden ingebracht.

De LNCN wil dit najaar een peiling houden onder de leden. De NAV pleit voor een breed draagvlakonderzoek onder alle consumptieaardappeltelers. LTO-bestuurder Bossers is voor een draagvlakonderzoek. ”Maar dan moeten de telers wel eerst een volledig en correct beeld hebben van hoe het API werkt. Dat is nu nog onvoldoende het geval.”

Of registreer je om te kunnen reageren.