Akkerbouw

Achtergrond 177 x bekeken

Zakkende primeurprijzen door import Spaans product

Na een prima start van het veilseizoen van vroege aardappelen, zijn de prijzen gezakt door concurrentie van Spaanse invoer. Spanje kwam laat op de markt, Nederland vroeg. Daar komt bij dat de Nederlandse productie is gestegen door de regen.

Eind mei werd de veilingklok van Alvantho op het Zeeuwse Tholen weer in werking gesteld. Volgens veilingdirecteur David Hage is het vooralsnog prijstechnisch gezien een normaal seizoen. Maar die normale prijzen, een teleurstelling na de hooggespannen verwachtingen, zijn niet voldoende om de investeringen te vergoeden.

Telers zijn dan ook teleurgesteld, weet Hage. ”Telers hebben flinke kosten gemaakt om met beregenen het gewas door de droogte te slepen. Die extra kosten worden met het huidige prijsniveau niet volledig betaald. Iedereen wist dat beregenen zinvol was, anders had je helemaal geen product te verkopen. Dat is de andere kant van het verhaal.”

Verder is opmerkelijk dat Doré, doorgaans het best betaalde ras, dit seizoen achter Frieslander en Première aanholt. ”Door import uit Spanje is er meer aanbod van Doré. Als gevolg is de prijs lager; in het begin wel 10 cent lager dan Frielander en Première en nu ongeveer gelijk.”

De handel verloopt stroever dan verwacht, doordat het Nederlands product vroeg aan de markt was en het Spaans product laat. Dit heeft een overlap tot gevolg.

Waar op dit moment vorig jaar 50 tot 60 cent voor een kilo Doré-aardappelen werd betaald, is dan nu 30 tot 35 cent. Frieslander en Première brengt tegen de 35 cent op, vorig jaar 45 tot 55 cent. ”Voor de tijd van het jaar is de prijs wat doorgezakt”, constateert Hage.

Voorlopig is het hopen op prijsstabilisatie, aangezien de oogst wordt gestimuleerd door de regen. Aardappelen zijn hierdoor sneller aan de maat. ”Het aanbod neemt toe. Ook van Frieslanders en Premières, als zijn die nog steeds makkelijker te plaatsen dan Doré’s. Dit zorgt voor spanning op de markt.”

Door de droogte blijft de knolzetting bij middenvroege rassen echter achter. Voor de vroegste aardappelen is dan niet het geval, omdat die zijn beregend. Bij latere teelten is de knolzetting minder. ”Waar normaal 15 tot 20 knollen aan een plant zitten, zijn er nu 6 tot 10 geproduceerd”, illustreert Hage. ”Dan krijg je minder kilo’s. Dat is de aanslag van de droogte.”

Een sterk wisselend beeld. ”Daarom is het lastig om een opbrengst per hectare te noemen.”
Dat de droogte opbrengstreductie als gevolg heeft, staat buiten kijf. De komende weken zijn belangrijk voor de aardappelteelt. ”Als het blijft regenen en de gewassen staan er fris bij dan groeien de aardappelen goed door. Hierdoor kennen we een goede sortering.”

Of registreer je om te kunnen reageren.