Akkerbouw

Achtergrond 1046 x bekeken

Meer met het hoofd en minder met de handen voor succes in akkerbouw

Meer denken, minder zelf is het credo voor een goed saldo. Dat is een belangrijke boodschap uit de eerste analyse akkerbouw over oogstjaar 2009 van de Gibo Groep in Flevoland. Daaruit blijkt dat de best scorende bedrijven worden aangestuurd door managers.

Investeren in de teelt is goed voor het rendement, afzetstrategie is het meest bepalend voor succes, analyseert accountants- en adviesbureau Gibo over Flevolandse akkerbouwers. De analyse is gemaakt over 45 bedrijven. ”Inmiddels zijn 65 jaarrekeningen over 2009 afgerond en de strekking blijft hetzelfde”, zegt agro adviseur Ruthger Steenbeek van de Gibo Groep over de representativiteit.

Naast afzetstrategie, met bijbehorend risicomanagement, zijn kilogramopbrengst en kwaliteit uiteraard ook van groot belang. ”Ook dat kan beredeneerd worden, het is een vorm van management. Kwaliteit heeft met bodemgezondheid te maken; bouwplanwijzigingen, het organisch stofgehalte van de grond. Daarvoor hoef je niet zelf met je handen aan de slag, maar met je hoofd.”

Bedrijven met de hoogste toegerekende kosten behalen vaak het hoogste saldo, blijkt verder. ”Investeren in het product”, legt Steenbeek uit. ”Als het nodig is spuiten. Een heel goed evenwichtig bemestingsplan is ook erg belangrijk. Hoge bemestingskosten leveren hoogste kilo’s.”

Gibo spreekt over kopgroepbedrijven en staartgroepbedrijven. De kopgroep kent de hoogste saldi, gemiddeld 1.960 euro per hectare hoger dan de staartgroep. Steenbeek geeft een omschrijving van die kopgroep: ”Het zijn bedrijven van boven de 70 hectare met een vrij intensief bouwplan. De akkerbouwer is een manager die weinig op contract teelt. Zaaiuien en eventueel peen zijn dus belangrijk in het bouwplan. Wel oppassen met bodemgezondheid. Dit kan met goed management worden ondervangen.”

Steenbeek verwacht voor oogstjaar 2010 nog betere resultaten. ”Zeker voor mensen die hun product nog redelijk de schuur in hebben gekregen. Het ziet er zeer hoopgevend uit. Hoewel er minder kilo’s zijn geoogst, maakt de prijs momenteel veel goed. De algemene verwachting is een goed handelsjaar. Dat uit zich in koopgedrag: er wordt ontzettend veel geïnvesteerd door akkerbouwers in onder meer machines en gebouwen.”

De gemiddelde cijfers
De bedrijfsomvang in Flevoland beslaat 54 hectare, de bruto opbrengst is 4.623 euro per hectare en het gemiddelde saldo is 3.224 euro per hectare. De gemiddelde financiering per bedrijf van deze 45 geanalyseerde bedrijven in Flevoland is 850.000 euro. Dit betekent dat er een financiering per hectare is van 15.700 euro.

Met de huidige aflossingsverplichting van ruim 500 euro per hectare wordt deze financieringslast in ruim 31 jaar afgelost. Gemiddeld is er over 2009 sprake van een negatieve marge van minus 50 euro per hectare. Bij een gemiddeld akkerbouwbedrijf van 54 hectare is dat een tekort van 2.700 euro per bedrijf. Hiermee wordt het oogstjaar 2009 voor Flevoland afgesloten met een kleine min.

Voordeel van schaalvergroting
Het grote voordeel in de schaalvergroting wordt voornamelijk gehaald uit bewerkingskosten. De netto bewerkingskosten bedragen gemiddeld 1.160 euro per hectare. Bij de kopgroep zijn de bewerkingskosten 114 euro per hectare lager dan bij de staartgroep. De kopgroepbedrijven in Flevoland slagen erin de kostprijs per hectare te verlagen door het grotere areaal efficiënter te bewerken.

De overige vaste kosten, zoals de kosten van onroerend goed en algemene kosten, zijn voor de kop en staartgroep nagenoeg gelijk: 1.572 euro per hectare voor de kopgroep en 1.523 euro per hectare voor de staartgroep.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.