Akkerbouw

Achtergrond 1655 x bekeken

Strube Nederland wil plek op bietenzaadmarkt

Strube Nederland verwacht komend jaar de suikerbietenzaadmarkt te veroveren. Bart van der Weijden staat aan het roer van het bedrijf dat onlangs in Emmeloord neerstreek. ”Er is behoefte aan concurrentie op deze markt.”

Strube Nederland heeft een sterk groeiscenario. ”Met onze drie nieuwe rassen verwachten we eenderde van de markt te kunnen realiseren”, zegt directeur Bart van der Weijden vanuit zijn kantoor in het voormalige waterschapsgebouw in Emmeloord. ”Suikerbieten zijn een stabiele teelt met een goede vergoeding voor de teler en hebben veel potentie voor de toekomst. De ontwikkelingen op de suikermarkt leiden tot een positieve prijs.”

Als het quotum vervalt, komt er meer beweging op de markt. ”Dan komt de zekerheid op een lager niveau en moeten telers nog beter hun kosten en opbrengsten controleren. Nog scherper worden. In teelttechniek en rassenkeuze valt nog steeds te winnen. Binnen regio’s zien we onder dezelfde omstandigheden nog steeds verschillen. Die kun je aanpakken. Dan blijft er ook met minder marktbescherming vanuit Brussel een vaste plek in het bouwplan voor suikerbieten.”

Wat betreft de zaadverkoop denkt Strube in Nederland net als in Duitsland in rap tempo een tweede plek te kunnen veroveren achter marktleider KWS. ”Strube heeft in Duitsland een aandeel van 36 procent”, zegt Van der Weijden, tot voor kort manager bij veredelingsbedrijf Hilleshög van Syngenta Seeds. ”Strube en KWS zijn ook in Duitsland de grote partijen. De Duitse suikersector weet dat je in kritische situaties, zoals een droog voorjaar, de rassen van Strube moet hebben.”

Hij is ervan overtuigd dat dit in Nederland ook gaat gebeuren. ”Onze rassen onderscheiden zich door een homogene en snelle opkomst en zaadkwaliteit. Je kunt namelijk wel de goede genetica hebben, maar dat komt pas tot ontplooiing bij een goede zaadkwaliteit. Daarin zijn we ver gevorderd. Met een 3D-analyse kunnen we in het zaadje kijken en zo selecteren. Dat doen we al vroeg in het proces, wat geld kost. Tja, kwaliteit heeft een prijs. Niet voor de boer, want onze zaadprijs is concurrerend.”

Een akkerbouwer gelooft iets als hij het ziet, aldus Van der Weijden. Hij weet dat door ervaring in het vak en doordat hij ook zelf een akkerbouwbedrijf heeft. Zo richt Strube komend seizoen proef- en demovelden in op een perceel achter de boerderij van Van der Weijden in Emmeloord. ”De resultaten komen op het netvlies van de teler, die landbouwkundig is ingesteld.”

De suikersector heeft behoefte aan een nieuwe zaadaanbieder, zegt Van der Weijden. ”Concurrentie leidt tot productverbetering en daar heeft iedereen baat bij. De boer staat open voor verbetering. Hij realiseert zich dat spreiding van rassen positief is vanaf een bepaalde bedrijfsgrootte. Bij meer dan één perceel of een areaal van boven de 10 hectare krijgt de teler te maken met onder andere verschillen in grondslag en leveringsmoment. Zo’n boer staat open voor nieuwe rassen.”

Ook in klantbenadering is Strube volgens Van der Weijden ’anders’. ”Wij gaan een stap verder in informatieverstrekking. Als je nu de markt bekijkt, zie je dat een teler een ras kiest zonder dat hij over alle informatie beschikt. Bij de standaard parameters als vroegheid grondbedekking staat bijvoorbeeld niet wat dit betekent voor het bladtype. Stijl of breed? Dat maakt voor bepaalde telers veel uit. In de Veenkoloniën is de onkruiddruk zo hoog, dat bladoppervlak essentieel is. In regio’s als de Beemster, Oldambt en West-Zeeuws-Vlaanderen is grondtarra een belangrijk onderwerp. Daar willen teler een gladde biet die makkelijk rooit.” Strube streeft naar intensieve contacten met zowel telers als industrie. Van der Weijden puzzelt nog op de uitvoering van dit doel.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.