Akkerbouw

Achtergrond 283 x bekeken

Roepende in de woestijn, zelfs bij erg lage prijzen

Akkerbouwers maken zelden winst met hun aardappelteelt. Daar valt wat aan te doen, vindt de NAV. Op bijeenkomsten probeert de vakbond telers warm te krijgen de krachten eens te bundelen. ”Sturen van het aanbod heeft een veel groter effect op de aardappelprijs dan goed onderhandelen.”

Akkerbouwers zijn ondernemers. En ondernemers kunnen door goed te onderhandelen met hun afnemers wat extra’s binnen slepen.

Maar onderhandelen is bij aardappelen rommelen in de marge, vindt bestuurder Keimpe van der Heide van de Nederlandse Akkerbouw Vakbond (NAV). ”Je kunt er wellicht een halve cent per kilo mee winnen”, zei hij woensdagavond in Slootdorp op de eerste van een serie ledenbijeenkomsten.
Het effect van de markt is veel groter, stelt Van der Heiden. ”Vorig jaar in deze week brachten fritesaardappelen 16 tot 20 cent per kilo op en exportaardappelen 20 tot 25 cent. Nu liggen de prijzen ver onder de 10 cent. De onbalans tussen vraag en aanbod drukt de prijs. Dit seizoen moeten de telers de aardappelen in de uitverkoop doen met een korting van 80 procent.”

Bij uien is de korting dit seizoen bijna 100 procent. Maar op die markt hebben telers weinig invloed, zegt Van der Heiden. ”Dat is een wereldmarkt waarbij Nederland 2 procent van de wereldproductie verzorgt. Aanbodbeheersing in Nederland heeft geen zin omdat het nauwelijks effect heeft op de wereldproductie.”

In de aardappelsector is dat anders, omdat verwerkers het liefst aardappelen dichtbij inkopen. Van der Heiden juicht daarom het idee toe van de SGP om ook aardappelen onder de gemeenschappelijke marktordening van de EU te laten vallen. ”Dan kunnen we als telers maximaal 30 procent van het aanbod bundelen. De kartelregels zijn veel te star. Kijk maar naar de boete die een Deense organisatie kreeg omdat ze een prijsadvies gaf.”

Van der Heiden maakt een vergelijking met de pootgoedsector. ”Er zijn twee grote handelshuizen die de markt van licentierassen beheersen. Zij stemmen de productie af op de vraag die ze verwachten. De pootgoedtelers realiseren structureel een veel hogere marge dan consumptietelers. Bij consumptieaardappelen ontbreekt de afstemming van de productie op de vraag. De aardappelen zijn nu zo goedkoop dat de Europese sector Australische fritesproducenten verdringt van de markt op hun eigen continent.”

Maar Van der Heiden voelt zich vaak een roepende in de woestijn. ”Het aardappelfonds SPA kwam ook niet van de grond. Maar de NAV blijft hameren op bundeling van aanbod. Als telers een betere aardappelprijs willen moeten ze zelf in actie komen. De rest van de keten doet het niet voor ze.”

Of registreer je om te kunnen reageren.