Akkerbouw

Achtergrond 117 x bekeken

Brazilië lonkt naar Europese biodieselmarkt

Belém - In navolging van Indonesië en Maleisië sluit Brazilië de Afrikaanse oliepalm in de armen.

In de noordelijke staat Pará in het Amazonegebied zijn veel ontboste gebieden geschikt voor uitgestrekte palmolieplantages. Daarmee wil Brazilië een belangrijke speler op de biodieselmarkt worden.

Met twee projecten in Pará mikt het Braziliaanse overheidsbedrijf Petrobras op de productie van 420.000 ton palmolie per jaar, dubbel zoveel als het land vandaag produceert. 70 procent van de olie zal naar Portugal worden verscheept, om er biodiesel voor de Europese markt van te maken.

"Ondanks de hoge bedragen die de cosmetica- en voedselindustrie betalen, kiezen we voor de groeiende markt van biodiesel", zegt Janio Rosa van dochtermaatschappij Petrobras Biocombustível.
Daarnaast wil de grootste ijzerproducent ter wereld, het Braziliaanse mijnbouwbedrijf Vale, zelf jaarlijks 160.000 ton biodiesel produceren vanaf 2014, om zijn transportkosten te drukken. De onderneming plant oliepalmen op 60.000 hectare in zes verschillende delen van Pará.

Geduld

Toch heeft Brazilië nog vele jaren nodig om een wereldspeler te worden op het vlak van palmolie. Voorlopig produceert het 0,5 procent van de 46 miljoen ton die per jaar in de wereld wordt geproduceerd. Oliepalmen hebben drie jaar nodig om vruchten af te werpen en acht jaar om volledig volgroeid te zijn.

Volgens een studie zijn 31,8 miljoen hectare braakliggende en onvruchtbaar geworden akkers in Brazilië geschikt voor de productie van palmolie, bijna de oppervlakte van Duitsland. Voorlopig zijn plantages slechts toegelaten op 4,3 miljoen hectare, voornamelijk in Pará. Momenteel wordt in Brazilië 85 procent van de biodiesel gewonnen uit soja, maar palmolie is een veelbelovende vervanger. Als de oliepalmplantages beginnen te renderen, hoeft Brazilië niet langer biodiesel in te voeren, maar kan het zelf een exporteur worden.

Geen monocultuur

Door de groeiende vraag naar biodiesel krijgt de Afrikaanse oliepalm overal in Centraal- en Zuid-Amerika voet aan de grond. Maar het continent wil de ontbossing en de negatieve sociale gevolgen vermijden waarmee grote producenten als Indonesië en Maleisië worstelen. Petrobras Biocombustível schuift daartoe onder meer projecten naar voren waarin 2250 boerenfamilies werk zullen krijgen.

Sociale bewegingen en milieuorganisaties blijven kritisch voor de uitbreiding van de plantages. ”We zijn gekant tegen elke vorm van grootschalige monocultuur, ook al gaat het om bomen”, stelt João Pedro Stédile, een van de leiders van de Beweging van Landloze Boeren (MST) en Via Campesina. Plantages bedreigen volgens hem de biodiversiteit. Daarnaast zijn plantenziekten een groot probleem. "Als je van Pará een zee van palmbomen maakt, wordt het heel moeilijk om deze ziekten onder controle te houden", waarschuwt ook expert José Stanley de Oliveira van Agropalma.

Milieubeschermers vrezen ook dat er geen rem meer zal kunnen worden gezet op de uitbreiding van de plantages. "De vraag naar plantaardige olie zal sneller blijven groeien dan de wereldbevolking en economie. Om hieraan te voldoen zijn nog eens 13 miljoen hectare palmolieplantages nodig tegen 2050", raamt onderzoeker Timothy Killeen van Conservation International.

IPS

Of registreer je om te kunnen reageren.