Akkerbouw

Achtergrond 222 x bekeken

‘Handel nauwelijks benut’

Kees van Arendonk vindt dat aardappeltelers zich moeten bundelen en zich als groep aansluiten bij een handelshuis.

„Op de fritesaardappelmarkt is structureel sprake van overproductie. Dat heeft negatieve invloed op de prijs en is uiteindelijk slecht voor telers, handel en verwerkers.” Dat stelt Kees van Arendonk, voorzitter van de Nederlandse Aardappel Organisatie (NAO).

Hoe komt de sector uit die impasse?
„Uiteindelijk is areaaldaling de enige oplossing. De sleutel ligt bij de telers. Het is jammer dat zij niet georganiseerd zijn en dat ook niet willen. Ik zie wel wat in regulering van de Europese graanmarkt, zodat de spilfunctie van graan weer terugkomt. Door gemiddeld hogere prijsniveau’s voor graan neemt de druk op het fritesareaal af. Maar ik verwacht niet dat we op de EU kunnen rekenen.”

Wat dan wel?
„De aardappelhandel wordt nauwelijks benut in de keten. Zij verhandelt hooguit 10 procent van de fritesaardappelen. De sorteerfunctie is verdwenen, zeker 80 procent van de aardappelen is voor het seizoen al vastgelegd en gaat rechtstreeks van teler naar fabriek. Er is nauwelijks nog sprake van echte handel. Door overaanbod is de stemming er al snel uit.”
Heeft de industrie te veel macht?
„Veel telers hebben dat gevoel. Maar de primaire sector moet zich niet keren tegen de industrie, ze moet zelf iets ondernemen. Niet massaal contracten tekenen, maar product bundelen via handelshuizen en zo verhandelen in een vrije markt.”

Hoe ziet u het voor zich?
„In de aardappelsector zullen we nooit een ‘FrieslandCampina’ krijgen. Maar het zou gezond zijn als 70 procent van de fritesaardappelhandel via handelshuizen verloopt. Groepen van 20 tot 30 telers zouden zich moeten bundelen en geen contract meer afsluiten bij de industrie, maar zich collectief aansluiten bij een betrouwbaar handelshuis. Daarmee kunnen ze afspraken maken of ze leveren in een pool, termijnmarkt of enkel op dagprijs. Zo ontstaan op termijn 10 tot 15 partijen met grotere volumes aardappelen.”

Krijgt de teler hierdoor ook een hogere prijs?
„Dit systeem zal slechte jaren niet voorkomen, maar de dalen zullen niet zo diep meer zijn. Structurele prijsverhogingen kunnen alleen als het areaal krimpt. Ik ben ervan overtuigd dat uiteindelijk de groepen telers hun areaal beperken.”

Gelooft u dat echt?
„Ja. Uiteindelijk komt er een gezond evenwicht tussen vraag en aanbod. Kijk naar de pootgoedsector. Niets gaat daar op contract. De sector stemt het areaal af op de vraag. Ondanks drie goede jaren is het areaal vrijwel stabiel.”

Lees ook 'Is er toekomst voor Rotterdam?' »

Foto

Karin Oonk-Nooren

Of registreer je om te kunnen reageren.