Dick Schieven (43) - rechts op de foto - houdt in Zieuwent (Gld.) 130.000 vleeskuikens. Om bedrijfsblindheid te voorkomen komt Henry Regelink, voorlichter bij
De Hoop Mengvoeders, elke week langs om het bedrijf door te lichten en de kengetallen te bespreken. Daarnaast houden ze elkaar op de hoogte van het nieuws in de sector.
Foto’s: Hans Prinsen, tekst: Judith Waninge
Het belangrijkste kengetal voor de pluimveehouder is het saldo per vierkante meter per dag. Daarna komen de voerwinst, de voerkosten per kilogram groei, de voerconversie, de daggroei en het uitvalspercentage. In 2009 draaide Schieven met het all-in all-outsysteem een voerconversie van 1,33 met een daggroei van 58,65 gram.
Alle gegevens noteert de pluimveehouder tijdens de ronde op een koppelkaart. De gegevens van water, voer, temperatuur en ventilatie neemt hij aan het eind van de ronde over in het eigengemaakte managementprogramma en tevens gaan deze gegevens naar de voerleverancier die de gegevens gebruikt voor de bedrijfsvergelijkingen. Schieven draait mee in de
top-25 van de beste bedrijven van De Hoop Mengvoeders.
Elke morgen loopt Schieven door de stallen en daarnaast controleert hij meerdere keren per dag de klimaatcomputer of er geen afwijkingen zijn in water, temperatuur en ventilatie.
De pluimveehouder controleert dagelijks de water-voerverhouding. Op deze manier zijn eventuele storingen of ziektes snel op te sporen.
Per stal registreert de voercomputer de hoeveelheden voer. Vooral nu in de laatste dagen voor het afleveren is het belangrijk dat er voldoende voer bij de kuikens komt.
De kuikens zijn nu 35 dagen oud en zijn goed beweeglijk. Vanaf dag 36 gaan de eerste kuikens naar de slachterij en binnen drie dagen zijn alle kuikens geleverd. Op dag 42 komen de nieuwe kuikens op het bedrijf. Schieven houdt bewust afwisselend Ross-, Cobb- en Hubbard-kuikens. "Dat houdt de concurrentie scherp", aldus de pluimveehouder.
Het bedrijfsbezoek van Regelink begint meestal in de stallen. Een rondje door de stallen geeft een goed beeld van hoe de kuikens ervoor staan. In een uur tot anderhalf uur tijd zijn alle stallen onder de loep geweest. "Ik klop niet op de deur voordat ik de stal binnenloop, geeft Schieven aan, want als je dat doet, kun je nog niet controleren of de kuikens goed verspreid in de stal liggen".
Pluimveehouder en voorlichter bekijken de kuikens van buiten en van binnen om te bepalen of de dieren gezond zijn. Of ze mooi in de veren zitten en of ze een goede kleur ogen en kammen hebben.
De voetzolen zien er mooi en gaaf uit. Het strooisel is ondanks het winterse weer mooi droog, mede door de
houtgestookte Wesselmann-heaters. Schieven vertelt dat hij het ook heel belangrijk vindt dat de stand van de tenen goed is. Kromme tenen zorgen ervoor dat de kuikens niet goed kunnen staan en lopen en hierdoor de water- en voerlijnen niet snel genoeg kunnen bereiken.
Het houden van vleeskuikens is vakwerk: kijken, ruiken en voelen. Schieven houdt een kuiken tegen zijn oor om te horen of hij geen afwijkingen hoort aan de longen. Zijn streven is om zo min mogelijk medicijnen te gebruiken. Door al deze controles wil hij ziektes en problemen voorkomen.
Tijdens de controleronde door de stal bekijkt Schieven samen met Regelink of de drinklijnen op de juiste hoogte hangen en of de kuikens ook daadwerkelijk drinken. Een storing aan de nippels is op de klimaatcomputer af te lezen aan het verbruikte aantal liters water.
Ook aan de mest is de gezondheid van de kuikens af te lezen. De mest moet mooi droog zijn. Zieke kuikens produceren natte mest en hierdoor wordt het strooisel ook nat, met alle gevolgen van dien.
Als laatste controleert Regelink het voer dat de kuikens krijgen. De kuikens krijgen naast start-, groei- en afmestvoer, ook tarwe bijgemengd.