“De Nederlandse boeren zijn door hun coöperaties aan hun lot overgelaten.” Zo zei Hans in Brazilië het op niet mis te verstane wijze ergens in de vorige discussie. “Nederlandse coöperaties werken net als multinationals, met dit verschil dat de coöperatieaandeelhouders nog minder te vertellen hebben dan de aandeelhouders van de multinational (...). De huidige Nederlandse coöperaties zijn ontworteld, kennen hun roots niet meer, spugen op het bord waar ze zelf van gegeten hebben. Dit zijn geen coöperaties meer. Breng ze zo gauw mogelijk naar de beurs, verkoop ze, inclusief de Rabobank, en met het geld van de verkoop begin je weer opnieuw.” Zo denkt Hans uit Brazilië er dus over.
Coöperatieleden zijn zelf de schuld
Huib Rijk, in Biddinghuizen, is veel positiever over de coöperaties: “Ik ben het helemaal niet eens met de kritiek op de coöperaties. Het doel van een coöperatie is volgens mij dat deze zichzelf overbodig maakt. Coöperaties en private ondernemingen groeien naar elkaar toe (...). Het klopt wel dat het beleid van coöperaties minder sociaal is geworden, maar dat komt niet door de besturen, maar door de leden. Kwantumtoeslagen zijn ingesteld omdat grote boeren anders naar de concurrenten zouden gaan en de coöperatie met de kleine leveranciers zou overblijven. Hetzelfde geldt voor de veilingen. En als het zo makkelijk zou zijn, waarom worden er dan geen nieuwe coöperaties opgericht? Ik ken(de) er overigens één. Zo'n 20 jaar geleden was er een groep akkerbouwers die een frietfabriek bouwden met het idee die gigantische marge verderop in de keten te benutten. Binnen enkele jaren failliet.”
Coöperaties makkelijk doelwit voor boze boeren
Ik legde de vraag ‘wat is er mis gegaan?’ ook voor aan Onno van Bekkum, van Nyenrode Business Universiteit, specialist in landbouwcoöperaties. Hij denkt dat boeren zich tegen hun coöperaties keren omdat organisaties hun eigen bestaan willen legitimeren en dus op zoek zijn naar waar ze 'iets' kunnen doen. De invloed op supermarkt en politiek is beperkt. Logisch om dan dicht bij huis te kijken waar je nog wel invloed op kunt uitoefenen: de coöperaties.
Relatie coöperatie-boer is zakelijker geworden
Onno van Bekkum: “Nederlandse coöperaties horen bij de besten van de wereld. Maar met de marktoriëntatie van de coöperatieve onderneming en de schaalvergroting (fusies) is de relatie met de leden 'verzakelijkt'. Boerenbestuurders hebben het bestuur van de onderneming moeten overlaten aan de professionals. Nu moeten zij zich richten op de band met de leden. Coöperaties moeten zich verbinden aan de 'eerlijkheid' van de boer. In de markt kunnen ze zich onderscheiden van niet-coöperaties: alleen coöperaties hebben het beste voor met de boer. Alle anderen zijn gericht op 'verdienen aan' de boer. Ik hoop dat coöperaties nieuwe marketingconcepten gaan ontwikkelen die 'de boer op het bord' brengen, om het zo te zeggen.”
Deze keer draait de vraag over de haalbaarheid van dat ‘de boer op het bord brengen’.
Discussievragen
Wat vindt u van het functioneren van coöperaties?
Hoe kan de band met leden versterkt worden?




